VERANDERING · DRIE PROCESSEN
Quiz
Terugblik: Staatsvorming en globalisering
VERANDERING · DRIE PROCESSEN
Quiz
Terugblik: Staatsvorming en globalisering
Les 3 van 3. Leerlingen beantwoorden individueel; bespreek na elke paar vragen kort de antwoorden. Image credit: Gerrit Adriaensz. Berckheyde / Wikimedia Commons, publiek domein
Welke drie processen kenmerken staatsvorming?
Urbanisatie, industrialisatie en secularisatie
Depersonalisering, rationalisering en individualisering
Formalisering, globalisering en democratisering
Depersonalisering, formalisering en integratie
Syllabus 20.1.
Vul in
Concurrentie tussen staten zorgde voor technologische vernieuwing, zoals vuurwapens, en moderne oorlogen vroegen om een vaste bureaucratie van ambtenaren.
Syllabus 20.1.
Y regeert en int belasting, maar geen land erkent Y. Wat ontbreekt?
Interne soevereiniteit
Externe soevereiniteit
Depersonalisering
Formalisering
Syllabus 20.1: externe soevereiniteit is erkenning door andere staten.
Wat kenmerkt democratisering in bredere zin?
Meer macht voor wie al veel macht heeft
Meer taken voor de staat in alle levenssferen
Meer inspraak voor wie minder macht heeft
Minder participatie door meer vertegenwoordiging
Syllabus 20.2.
Wat is kenmerkend voor de parlementaire democratie?
De soevereiniteit ligt bij het volk
De soevereiniteit ligt bij de vorst en de adel
Rechtspersonen kiezen de volksvertegenwoordiging
Alleen de elite heeft politieke grondrechten
Syllabus 20.2.
Zet op volgorde, van vroeg naar laat
Syllabus 20.1 en 20.2: de rechtsstaat is de eerste belangrijke ontwikkeling in de democratisering, de volksvertegenwoordiging de tweede.
Wat is een rechtspersoon? Geef een voorbeeld.
Goed antwoord: een bedrijf of organisatie die rechten heeft en als persoon wordt gezien. Verwachte fout: alleen een burger noemen. Syllabus 20.2.
Waar leidt de groei van multinationals toe, volgens de syllabus?
Staten krijgen meer geweldsmonopolie
Er ontstaan supranationale handelsblokken
Internationale samenwerking verdwijnt
De wereldhandel neemt af
Syllabus 20.3.
Welke zorg over mondiale media hoort bij andersglobalisten?
Te veel lokale media nemen alle ruimte in
Digitale kanalen starten is onmogelijk geworden
Media verbinden de wereld niet genoeg
Weinig variatie in aanbod en minder ruimte voor nieuws
Syllabus 20.3.
Welke groep legt meer nadruk op effecten op de lange termijn?
Andersglobalisten
Hyperglobalisten
Functionalisten
Premoderne staten
Syllabus 20.3.
Hoe beïnvloedden koloniën de positie van burgers in West-Europa?
Koloniën maakten hen afhankelijk van de feodale adel
Verovering van werelddelen verminderde de handel
Handel met koloniën versterkte hun economische positie
Burgers kregen het geweldsmonopolie over koloniën
Syllabus 20.1.
Hoe zeker voel je je over dit onderwerp?
Heel zeker
Redelijk zeker
Niet zo zeker
Helemaal niet zeker
Gebruik de uitslag om te bepalen of je een onderdeel herhaalt.
VERANDERING · DRIE PROCESSEN
Goed gedaan!
Staatsvorming bouwt een staat met rol, wet en belasting, democratisering geeft burgers meer inspraak, en globalisering verbindt de wereld, met voor- en tegenstanders.
Deze slide heeft geen instructies