Tekstsoort en schrijfdoel (Nederlands havo), les 1: Uitleg

Een lezer met een krant aan zee, Tarquinia Lido (Italië), 2007

EXAMENSTOF NEDERLANDS · LEESVAARDIGHEID · TEKSTSOORT

Tekstsoort en schrijfdoel

Examenstof Nederlands havo

1 / 22
volgende
Slide 1: Slide
newEditorNederlandsMiddelbare schoolhavoLeerjaar 4,5

In deze les zitten 22 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 45 min
Dit is niet oké

Introductie

Uitleg over tekstsoort en schrijfdoel voor Nederlands havo: uiteenzettend, beschouwend en betogend, met de bijbehorende doelen informeren, ter overweging aanbieden en overtuigen. Leerlingen oefenen met korte eigen voorbeeldteksten en checks.

Onderdelen in deze les

Een lezer met een krant aan zee, Tarquinia Lido (Italië), 2007

EXAMENSTOF NEDERLANDS · LEESVAARDIGHEID · TEKSTSOORT

Tekstsoort en schrijfdoel

Examenstof Nederlands havo

Les 1 van 3: uitleg. Les 2 is de examentraining, les 3 de terugblik met quiz. Syllabus: A1 onderdeel 1: tekstsoort en schrijfdoel; Bijlage 4. Image credit: Roberto Ferrari / Wikimedia Commons, CC BY-SA 2.0

EXAMENSTOF NEDERLANDS · LEESVAARDIGHEID · TEKSTSOORT

Wat ga je kunnen?

Ik kan vaststellen of een tekst of tekstgedeelte uiteenzettend, beschouwend of betogend is en welk schrijfdoel erbij hoort.

Deze slide heeft geen instructies

Waarom schrijft iemand een tekst? Noem zoveel doelen als je kunt.

Verwacht: uitleggen, informeren, overtuigen, laten nadenken, vermaken, oproepen. Gebruik de woorden als ophaak: in les 1 gaat het om drie schrijfdoelen die bij de examenstof horen (informeren, ter overweging aanbieden, overtuigen of tot actie aanzetten).

Voorpagina van het Haarlems Dagblad met een grote foto en een kop

EXAMENSTOF NEDERLANDS · LEESVAARDIGHEID · TEKSTSOORT

Soort tekst en schrijfdoel

  • Een tekst of tekstgedeelte is uiteenzettend, beschouwend of betogend

  • Dat stel je vast voor een hele tekst of voor één tekstgedeelte, zoals een alinea

  • Bij elke tekstsoort hoort een schrijfdoel: wat wil de schrijver bij de lezer bereiken?

  • De doelen kunnen door elkaar lopen: dan zoek je het belangrijkste

Syllabus domein A1: de kandidaat kan vaststellen of een tekst of tekstgedeelte uiteenzettend, beschouwend of betogend is en kan het schrijfdoel vaststellen. Op het examen kan de vraag over één alinea gaan, niet alleen over de hele tekst. Veelgemaakte fout: de tekstsoort bepalen op basis van het onderwerp in plaats van op wat de schrijver doet. Image credit: Cees de Boer / Noord-Hollands Archief via Wikimedia Commons, CC0

EXAMENSTOF NEDERLANDS · LEESVAARDIGHEID · TEKSTSOORT

Uiteenzettende tekst

  • Een uiteenzettende tekst is een tekst of tekstgedeelte waarin de schrijver iets uitlegt, beschrijft, verklaart of meedeelt

  • Schrijfdoel: de lezer informeren over een stand van zaken of gang van zaken

  • Je herkent het aan feiten, uitleg en beschrijving; de schrijver blijft op de achtergrond

  • Signaalwoorden: 'doordat', 'bestaat uit', 'eerst ... daarna', 'dat komt door'

  • Valkuil: veel feiten betekent niet automatisch uiteenzettend; kijk of er ook een standpunt in staat

De definitie is letterlijk die van Bijlage 4 van de syllabus. Een uiteenzetting hoeft niet saai te zijn: ook een reportage die uitlegt hoe iets werkt is uiteenzettend. Veelgemaakte fout: een tekst met een onderwerp waar mensen verschillend over denken meteen betogend noemen. Het gaat erom of de schrijver zelf een standpunt inneemt.

EXAMENSTOF NEDERLANDS · LEESVAARDIGHEID · TEKSTSOORT

Voorbeeldtekst A: slapen

(1) Tieners worden 's avonds later moe dan kinderen en volwassenen. Dat komt doordat de biologische klok verschuift tijdens de puberteit: het lichaam maakt later op de avond het slaaphormoon melatonine aan.

(2) Veel scholen beginnen echter vroeg. Leerlingen die om half zeven opstaan, slapen daardoor vaak te kort. Te weinig slaap kan leiden tot minder concentratie overdag.

Eigen tekst voor Examenstof

Laat leerlingen eerst zelf aanwijzen wat de schrijver doet: uitleggen (alinea 1), een gang van zaken beschrijven en een gevolg noemen (alinea 2). Er staat geen standpunt en er wordt geen kant gekozen.

Welke tekstsoort is voorbeeldtekst A?

A

Beschouwend

B

Betogend

C

Uiteenzettend én betogend

D

Uiteenzettend

De schrijver legt uit waarom tieners later moe worden en wat het gevolg is. Er wordt geen mening of standpunt gegeven. Verwachte fout: betogend, omdat het onderwerp 'later beginnen' een discussiepunt is.

Vul in

Een uiteenzettende tekst legt iets uit, beschrijft, verklaart of deelt mee; het schrijfdoel is de lezer informeren over een stand van zaken.

uiteenzettende
informeren
betogende
overtuigen

Begrippen uit Bijlage 4. Verwachte fout: betogend en overtuigen invullen.

EXAMENSTOF NEDERLANDS · LEESVAARDIGHEID · TEKSTSOORT

Beschouwende tekst

  • Een beschouwende tekst is een tekst of tekstgedeelte waarin de schrijver interpretaties, verklaringen en opinies ter overweging aanbiedt

  • Schrijfdoel: de lezer over een kwestie laten nadenken, dus ter overweging aanbieden

  • Een beschouwing kan de argumenten voor en tegen een of meer standpunten behandelen

  • Maar ze is er niet op gericht de lezer voor een van die standpunten te winnen

  • Signalen: 'aan de ene kant ... aan de andere kant', 'misschien', 'je kunt ook zeggen'

Definitie letterlijk uit Bijlage 4. Het kernverschil met een betoog: een beschouwing behandelt argumenten, maar kiest geen kant en wil de lezer niet winnen. Veelgemaakte fout: elke tekst met argumenten voor en tegen een betoog noemen.

De bibliotheek van de University of Reading (Verenigd Koninkrijk)

EXAMENSTOF NEDERLANDS · LEESVAARDIGHEID · TEKSTSOORT

Beschouwing of betoog?

  • Beide kunnen argumenten voor en tegen noemen, maar een betoog kiest een kant

  • Vraag: wil de schrijver mij winnen voor een standpunt?

  • Nee, de afweging blijft open: beschouwing

  • Ja, de schrijver neemt een beargumenteerd standpunt in: betoog

Dit is de lastigste grens op het examen. Laat leerlingen de slotzin van een tekst lezen: kiest de schrijver of laat die de afweging aan de lezer? Een enkele voorzichtige mening ('misschien is het verstandig') maakt een tekst nog niet betogend als het doel nadenken is. Image credit: Tim Landy / Wikimedia Commons, CC BY-SA 4.0

EXAMENSTOF NEDERLANDS · LEESVAARDIGHEID · TEKSTSOORT

Voorbeeldtekst B: later beginnen

(1) Zou het helpen als scholen later beginnen? Voor een latere start pleit dat tieners 's avonds laat moe worden. Ze zouden meer slaap krijgen en misschien beter opletten.

(2) Daar staat tegenover dat de schooldag dan later eindigt, wat sport en bijbanen onder druk zet. Ook ouders die vroeg naar hun werk moeten, krijgen een probleem. Hoe de afweging uitvalt, hangt dus af van wat een school belangrijker vindt.

Eigen tekst voor Examenstof

Dezelfde kwestie als tekst A, maar nu met een andere functie: de schrijver zet voor- en nadelen naast elkaar en laat de keuze open. Let op de openingsvraag en de slotzin.

Wat is het schrijfdoel van voorbeeldtekst B?

A

De lezer informeren over een gang van zaken

B

De lezer een kwestie ter overweging aanbieden

C

De lezer overtuigen van een standpunt

D

De lezer tot actie aanzetten

Voor- en nadelen worden behandeld, zonder dat de schrijver een kant kiest. Verwachte fout: overtuigen, omdat er argumenten in staan.

Wat doet de schrijver in de slotzin?

Hoe de afweging uitvalt, hangt dus af van wat een school belangrijker vindt.

A

Een standpunt innemen

B

Een oproep doen

C

De afweging bij de lezer laten

D

Een verklaring geven

De slotzin kiest geen kant: de afweging hangt af van wat een school belangrijker vindt. Dat past bij een beschouwing.

EXAMENSTOF NEDERLANDS · LEESVAARDIGHEID · TEKSTSOORT

Betogende tekst

  • Een betogende tekst is een tekst of tekstgedeelte waarin de schrijver een beargumenteerd standpunt inneemt

  • Schrijfdoel: de lezer van dat standpunt overtuigen of tot actie aanzetten

  • Je herkent het aan een standpunt met argumenten: 'want', 'daarom', 'moet', 'zou moeten'

  • Een standpunt is een uitspraak die op twijfel of tegenspraak stuit of zou kunnen stuiten

  • Een mening alleen is nog geen betoog: er moeten argumenten bij staan

Definities uit Bijlage 4. Een oproep ('Doe mee!') hoort bij het schrijfdoel tot actie aanzetten. Veelgemaakte fout: leerlingen noemen elke tekst met een 'ik' betogend. Het gaat om een beargumenteerd standpunt dat de schrijver wil laten aanvaarden.

Een debat tussen leerlingen in een klaslokaal

EXAMENSTOF NEDERLANDS · LEESVAARDIGHEID · TEKSTSOORT

Combinaties en hoofddoel

  • Doelen kunnen door elkaar lopen: uitleg als aanloop naar een standpunt

  • Vraag: wat wil de schrijver dat de lezer aan het eind denkt of doet?

  • Het belangrijkste schrijfdoel bepaalt de tekstsoort van de hele tekst

  • Kijk naar kop, slotalinea en oproepen: daar staat vaak het belangrijkste doel

Syllabus: de doelen kunnen in combinatie voorkomen; de kandidaat kan dan het belangrijkste schrijfdoel vaststellen. Het is dus geen fout dat er uitleg in een betoog staat: de uitleg dient dan het standpunt. Veelgemaakte fout: de tekstsoort bepalen aan de eerste alinea. Image credit: Joshua Olal Believer / Wikimedia Commons, CC BY-SA 4.0

EXAMENSTOF NEDERLANDS · LEESVAARDIGHEID · TEKSTSOORT

Voorbeeldtekst C: de fietsenstalling

(1) De fietsenstalling van onze school heeft plek voor 400 fietsen, maar er komen elke dag ruim 600 leerlingen op de fiets. Daardoor staan er fietsen langs het hek en op het schoolplein.

(2) De school moet daarom een tweede fietsenstalling bouwen. Zonder extra stalling raken fietsen beschadigd en lopen leerlingen elke ochtend gevaarlijk tussen de fietsen door.

(3) Teken daarom vandaag nog de petitie bij de ingang. Jouw handtekening telt!

Eigen tekst voor Examenstof

Alinea 1 informeert, alinea 2 neemt een standpunt in met argumenten, alinea 3 zet aan tot actie. De school en de aantallen zijn fictief. Het belangrijkste doel: overtuigen en tot actie aanzetten.

Wat is het belangrijkste schrijfdoel van tekst C?

A

Overtuigen en tot actie aanzetten

B

De lezer informeren over een stand van zaken

C

De lezer iets ter overweging aanbieden

D

De lezer waarschuwen voor een gevaar

Alinea 1 informeert, maar die informatie dient het standpunt in alinea 2 en de oproep in alinea 3. Verwachte fout: informeren, omdat de tekst met feiten begint.

Citeer de zin in tekst C die tot actie aanzet.

Modelantwoord (1 punt): 'Teken daarom vandaag nog de petitie bij de ingang.' Ook goed: de eerste en laatste woorden: Teken ... ingang. Verwachte fout: 'Jouw handtekening telt!' alleen, die zin zet niet zelf aan tot actie.

Welke tekstsoort vind je het lastigst te herkennen?

1

Uiteenzettend

2

Beschouwend

3

Betogend

4

Een combinatie van soorten

Gebruik de uitslag om te kiezen waar je in les 2 extra aandacht aan geeft. Beschouwend en betogend worden het vaakst door elkaar gehaald.

Hoe onderscheid je een beschouwing van een betoog?

Goed antwoord: een betoog neemt een beargumenteerd standpunt in en wil de lezer overtuigen; een beschouwing behandelt interpretaties, verklaringen en opinies of argumenten voor en tegen, maar wil de lezer niet voor een standpunt winnen. Veelgemaakte fout: 'een betoog heeft argumenten, een beschouwing niet'.

EXAMENSTOF NEDERLANDS · LEESVAARDIGHEID · TEKSTSOORT

Begrippen (1/2)

  • uiteenzettende tekst: de schrijver legt iets uit, beschrijft, verklaart of deelt mee

  • beschouwende tekst: de schrijver biedt interpretaties, verklaringen en opinies ter overweging aan

  • betogende tekst: de schrijver neemt een beargumenteerd standpunt in

  • schrijfdoel: wat de schrijver bij de lezer wil bereiken

  • informeren: de lezer op de hoogte brengen van een stand van zaken of gang van zaken

Deze slide heeft geen instructies

EXAMENSTOF NEDERLANDS · LEESVAARDIGHEID · TEKSTSOORT

Begrippen (2/2)

  • ter overweging aanbieden: de lezer over een kwestie laten nadenken, zonder hem voor een standpunt te winnen

  • overtuigen / tot actie aanzetten: de lezer van een standpunt overtuigen of laten handelen

  • belangrijkste schrijfdoel: bij een combinatie van doelen het doel dat de tekst vooral bepaalt

  • standpunt: een uitspraak die op twijfel of tegenspraak stuit of zou kunnen stuiten

Deze slide heeft geen instructies