2F H18 Grafieken

Grafieken en coördinaten

1 / 30
next
Slide 1: Slide
New lesson editorRekenenVoortgezet speciaal onderwijsLeerroute 1

This lesson contains 30 slides, with interactive quizzes and text slides.

Report this lesson

Items in this lesson

Grafieken en coördinaten

Open met het idee dat grafieken en coördinaten in het dagelijks leven voorkomen, bijvoorbeeld in weerapps, routekaarten en prijsvergelijkingen.

Lesdoel

Ik kan in grafieken en assenstelsels stijgen, dalen, herhaling, minimum, maximum, coördinaten en snijpunten herkennen en uitleggen wat die in de praktijk betekenen.

This item has no instructions

Welke woorden passen volgens jou bij grafieken en coördinaten?

Gebruik dit als activering van voorkennis. Verwachte woorden: stijgen, dalen, punt, assen, kaart, snijpunt, maximum, minimum.

Stijgen en dalen

Hoofddoel: je kunt veranderingen in een grafiek aflezen.


Subdoelen:

  • aangeven wanneer een grafiek stijgt

  • aangeven wanneer een grafiek daalt

  • aangeven wanneer een grafiek zich herhaalt

  • het minimum aanwijzen

  • het maximum aanwijzen

Dit is de kapstokslide voor dit onderdeel. Verwijs naar EDI door eerst het doel expliciet te maken en daarna pas voorbeelden te geven.

Wanneer stijgt of daalt een grafiek?

  • Stijgen: de lijn gaat van links naar rechts omhoog

  • Dalen: de lijn gaat van links naar rechts omlaag

  • Je kijkt altijd van links naar rechts

  • Het gaat om de verandering van de waarde

Veel leerlingen kijken verkeerdom. Benadruk dat je een grafiek altijd van links naar rechts leest.

Herhaling, minimum en maximum

  • Herhaling: een patroon in de grafiek komt steeds terug

  • Minimum: het laagste punt van de grafiek

  • Maximum: het hoogste punt van de grafiek

  • Deze punten helpen om een situatie snel te begrijpen

Gebruik bijvoorbeeld een temperatuur- of hartslaggrafiek om herhaling, minimum en maximum zichtbaar te maken.

Toepassing in de praktijk

  • Temperatuur over een dag

  • Aantal klanten in een winkel

  • Snelheid van een scooter tijdens een rit

  • Je ziet wanneer iets toeneemt, afneemt of steeds terugkomt

Koppel elk voorbeeld terug aan één begrip: stijgen, dalen, herhaling, minimum of maximum.

Kenniscontrole

Voor op een wisbordje:


Een grafiek van het aantal bezoekers gaat eerst omhoog, daarna omlaag en daarna opnieuw omhoog.

  • In welk deel stijgt de grafiek?

  • In welk deel daalt de grafiek?

  • Waar ligt het maximum?

  • Waar ligt het minimum?

Laat leerlingen antwoorden in woorden of met korte schetsen. Houd de controleopgave compact, passend bij wisbordjes.

Wanneer daalt een grafiek?

A

Van links omhoog

B

Van links omlaag

C

Van rechts omhoog

D

Steeds gelijk

Let op de veelgemaakte fout: leerlingen kijken soms van rechts naar links. De juiste leesrichting is van links naar rechts.

Maak de zinnen compleet

In een grafiek kijk je altijd van links naar rechts. Gaat de lijn omhoog, dan stijgt de grafiek. Het laagste punt heet het minimum en het hoogste punt het maximum.

links naar rechts
stijgt
minimum
maximum
rechts naar links
daalt
herhaling
oorsprong

Alle begrippen komen letterlijk uit de voorafgaande slides terug en sluiten aan bij de wisbordje-oefening.

Coördinaten

Hoofddoel: je kunt met coördinaten een plaats beschrijven en vinden.


Subdoelen:

  • coördinaten gebruiken om een plaats te beschrijven

  • een plaats opzoeken met behulp van coördinaten

Maak duidelijk dat coördinaten een vaste manier zijn om een plek exact aan te geven.

Wat zijn coördinaten?

  • Een coördinaat schrijf je als (x, y)

  • Eerst neem je de x-coördinaat

  • Daarna neem je de y-coördinaat

  • Zo beschrijf je precies één plaats

Benadruk de vaste volgorde: eerst x, dan y. Dat voorkomt veel fouten.

Een plaats beschrijven en opzoeken

  • Van een punt naar coördinaat: lees eerst horizontaal, dan verticaal

  • Van coördinaat naar punt: ga eerst over de x-as, daarna omhoog of omlaag

  • Voorbeeld: (3, 2) betekent 3 naar rechts en 2 omhoog

Gebruik een eenvoudig rooster en laat zien dat dezelfde stappen werken op een kaart, plattegrond of assenstelsel.

Toepassing in de praktijk

  • Plattegrond van een camping

  • Stoelen in een stadion

  • Vakjes op een kaart

  • Coördinaten helpen om snel de juiste plek te vinden

Koppel dit aan situaties waarin precies aanwijzen belangrijk is, zoals een plek op een kaart of een stoelnummer in een vakkenplan.

Kenniscontrole

Voor op een wisbordje:


  • Schrijf de coördinaat op van punt A.

  • Zet punt B op (4, 1).

  • Welke punt ligt op (2, 3)?


Werk steeds in de volgorde: eerst x, dan y.

De docent voegt hier een eenvoudig assenstelsel of rooster toe op het bord. Houd de opgaven kort en direct controleerbaar.

Welke coördinaat staat goed in de juiste volgorde?

A

(y, x)

B

(x, y)

C

(omhoog, rechts)

D

(rechts, links)

Toets hier de vaste schrijfwijze: eerst x, daarna y.

Vul de begrippen in

Een coördinaat schrijf je als (x, y). Je leest eerst horizontaal en daarna verticaal. Zo kun je precies één plaats beschrijven.

(x, y)
horizontaal
verticaal
plaats
(y, x)
diagonaal
grafiek
snijpunt

De volgorde en leesrichting zijn hier de kern. Sluit direct aan op de slides over punt naar coördinaat en coördinaat naar punt.

Snijpunt

Hoofddoel: je kunt snijpunten in een assenstelsel herkennen en betekenis geven.


Subdoelen:

  • de x-as en y-as aangeven

  • het snijpunt van twee grafieken aangeven

  • het snijpunt met de x-as of y-as aangeven

  • uitleggen wat een snijpunt in een situatie betekent

Laat zien dat dit onderdeel voortbouwt op coördinaten en het lezen van grafieken.

De x-as en de y-as

  • De x-as is de horizontale as

  • De y-as is de verticale as

  • Het punt (0,0) is de oorsprong

  • Snijpunten geef je aan met coördinaten

Controleer of leerlingen horizontaal en verticaal goed onderscheiden voordat je naar snijpunten gaat.

Snijpunt van twee grafieken

  • Een snijpunt is de plek waar twee grafieken elkaar raken of kruisen

  • Beide grafieken hebben daar dezelfde waarde

  • Je leest het snijpunt af als een coördinaat

Gebruik een eenvoudig voorbeeld met twee lijnen die elkaar één keer snijden.

Snijpunt met de x-as of y-as

  • Snijpunt met de x-as: daar is y = 0

  • Snijpunt met de y-as: daar is x = 0

  • Deze snijpunten geven vaak een beginpunt of nulwaarde aan

De formuleringen y = 0 en x = 0 zijn belangrijk als vaste herkenningsregels op VMBO-niveau.

Betekenis in de praktijk

  • Twee telefoonabonnementen

  • Twee routes met reistijd

  • Kosten en opbrengst

  • Het snijpunt laat zien wanneer twee situaties even groot zijn

Leg bijvoorbeeld uit: bij twee abonnementen betekent het snijpunt het aantal minuten of data waarbij beide even duur zijn.

Kenniscontrole

Voor op een wisbordje:


  • Wijs de x-as en y-as aan.

  • Schrijf het snijpunt van twee grafieken op.

  • Schrijf het snijpunt met de x-as op.

  • Wat betekent dit snijpunt in de situatie?

De docent toont hierbij een eenvoudig assenstelsel met twee grafieken. Laat leerlingen zo kort mogelijk antwoorden: asnaam, coördinaat en betekenis.

Wat betekent een snijpunt van twee grafieken?

A

Dezelfde waarde

B

Het hoogste punt

C

De oorsprong

D

Een herhaling

Plausibele misvattingen zijn maximum en oorsprong. Het snijpunt betekent dat beide grafieken daar even groot zijn.

Maak de regels af

De x-as is horizontaal en de y-as is verticaal. Bij een snijpunt met de x-as is y = 0 en bij een snijpunt met de y-as is x = 0.

x-as
y-as
y = 0
x = 0
oorsprong
grafiek
x = y
y = x

Controleer of leerlingen de vaste herkenningsregels uit het onderdeel snijpunten kunnen reproduceren.

Wat betekent een snijpunt in een praktische situatie?

Goede antwoorden noemen dat bij het snijpunt twee situaties even groot zijn, bijvoorbeeld twee abonnementen even duur of twee routes even lang qua reistijd.

Wat heb je vandaag geleerd?

Laat leerlingen kort terugblikken op de les. Mogelijke thema’s: stijgen en dalen herkennen, coördinaten lezen, snijpunten begrijpen.

Welk onderdeel vond je het lastigst?

Gebruik de antwoorden om te bepalen wat in een volgende les opnieuw geoefend moet worden.

Begrippen

stijgen - van links naar rechts omhoog gaan in een grafiek

dalen - van links naar rechts omlaag gaan in een grafiek

herhaling - een patroon dat steeds terugkomt in een grafiek

minimum - het laagste punt van een grafiek

maximum - het hoogste punt van een grafiek

coördinaat - een plaats in de vorm van (x, y)

assenstelsel - een stelsel met een x-as en een y-as

This item has no instructions

Begrippen

x-as - de horizontale as

y-as - de verticale as

oorsprong - het punt (0,0)

snijpunt - het punt waar twee lijnen of grafieken elkaar raken of kruisen

snijpunt met de x-as - het punt waar een grafiek de x-as snijdt; daar is y = 0

snijpunt met de y-as - het punt waar een grafiek de y-as snijdt; daar is x = 0

This item has no instructions