Grondrechten en Grondwet (Geschiedenis vmbo), les 2: Examentraining

STAATSINRICHTING · GRONDRECHTEN

Examentraining

Grondrechten en Grondwet: zo pak je examenvragen aan

1 / 17
volgende
Slide 1: Slide
newEditorGeschiedenisMiddelbare schoolvmboLeerjaar 3,4

In deze les zitten 17 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 45 min
Dit is niet oké

Introductie

Examentraining met vragen over het soort vraag, klassiek of sociaal in een situatie, botsende grondrechten en tijdsplaatsing.

Onderdelen in deze les

STAATSINRICHTING · GRONDRECHTEN

Examentraining

Grondrechten en Grondwet: zo pak je examenvragen aan

Les 2 van 3. Laat leerlingen in tweetallen overleggen bij de open vragen. Image credit: Jan Zweerts / Nationaal Archief / Wikimedia Commons, CC0

STAATSINRICHTING · GRONDRECHTEN

Wat ga je kunnen?

Ik kan examenvragen over grondrechten aanpakken: de vraag herkennen, het recht bepalen en in de tijd plaatsen.

Deze slide heeft geen instructies

STAATSINRICHTING · GRONDRECHTEN

Zo pak je een examenvraag aan

  • 1. Lees: wat voor vraag is het? Beschrijven, verklaren of een mening geven?

  • 2. Kijk: wat staat er in de situatie? Wie wil wat, en wie moet wat doen?

  • 3. Zoek: welk grondrecht hoort erbij en is het klassiek of sociaal?

  • 4. Schrijf: noem het recht en leg kort uit waarom het past.

Deze slide heeft geen instructies

STAATSINRICHTING · GRONDRECHTEN

Vraagtype 1: soort vraag herkennen

  • Beschrijven: wat gebeurde er, wat staat er? Begin met 'noem' of 'beschrijf'.

  • Verklaren: waarom gebeurde het? Gebruik 'omdat'.

  • Waarderen: wat vind jij, en waarom? Geef een mening met een reden.

Deze slide heeft geen instructies

Waarom liet Willem II in 1848 de grondwet veranderen? Welk soort vraag?

A

Een beschrijvende vraag

B

Een waarderende vraag

C

Een vraag over een bron

D

Een verklarende vraag

Waarom-vragen zijn verklarend: het antwoord begint met omdat. Verwachte fout: beschrijvend kiezen, omdat het over het verleden gaat.

Vind jij dat de overheid een woning moet regelen? Welk soort vraag?

A

Een verklarende vraag

B

Een beschrijvende vraag

C

Een vraag met een jaartal

D

Een waarderende vraag

Bij 'vind jij' gaat het om een mening met een reden. Verwachte fout: beschrijvend, omdat er een sociaal grondrecht in zit.

STAATSINRICHTING · GRONDRECHTEN

Vraagtype 2: klassiek of sociaal in een situatie

  • Lees wie iets doet. Mag de overheid zich er niet mee bemoeien? Dan is het klassiek.

  • Moet de overheid juist iets regelen? Dan is het sociaal.

  • Voorbeeld: een krant wil iets publiceren zonder toestemming vooraf. Dat is drukpers, klassiek.

Deze slide heeft geen instructies

Sanne krijgt een bijstandsuitkering omdat ze geen werk heeft. Welk grondrecht?

A

Klassiek: vrijheid van meningsuiting

B

Sociaal: recht op bestaanszekerheid

C

Klassiek: vrijheid van onderwijs

D

Sociaal: recht op bewoonbaarheid van het land

De overheid zorgt voor een inkomen als iemand dat zelf niet heeft: sociaal, bestaanszekerheid. Verwachte fout: een klassiek recht kiezen, omdat een uitkering een geldbedrag is en geen vrijheid.

Een groep buren richt een eigen vereniging op. Welk grondrecht?

A

Sociaal: recht op werk

B

Sociaal: recht op rechtsbijstand

C

Klassiek: recht van vereniging

D

Klassiek: vrijheid van godsdienst

Een club oprichten is het recht van vereniging, klassiek: de overheid mag het niet verbieden. Verwachte fout: godsdienst kiezen, omdat een vereniging ook een kerk kan zijn.

Demonstratie tegen de woningnood in Amsterdam, 1970

STAATSINRICHTING · GRONDRECHTEN

Vraagtype 3: botsende grondrechten

  • Twee mensen of groepen beroepen zich elk op een grondrecht.

  • Stap 1: noem beide rechten. Stap 2: leg uit waarom ze botsen.

  • Voorbeeld: een demonstratie wil door een drukke straat, omwonenden willen er langs. Vergadering tegenover het verkeer.

Image credit: Joost Evers / Anefo, Nationaal Archief / Wikimedia Commons, CC0

Een man roept een belediging over mensen met een andere religie. Welke twee grondrechten botsen?

Goed antwoord: vrijheid van meningsuiting en het discriminatieverbod (artikel 1), want de ene mag zeggen wat hij vindt en de ander mag niet gediscrimineerd worden. Verwachte fout: alleen vrijheid van godsdienst noemen, zonder het verband met meningsuiting.

Een betoging blokkeert een straat. Welke rechten botsen hier?

A

Recht van vergadering en het belang van het verkeer

B

Recht op werk en recht op onderwijs

C

Vrijheid van drukpers en recht op rechtsbijstand

D

Recht op gezondheidszorg en recht op bestaanszekerheid

Mensen mogen betogen, maar andere mensen moeten ook verder kunnen. De wet laat toe dat de overheid regels stelt in het belang van het verkeer en de openbare orde. Verwachte fout: twee sociale rechten kiezen.

Johan Rudolf Thorbecke, liberaal staatsman, 19e eeuw

STAATSINRICHTING · GRONDRECHTEN

Vraagtype 4: in de juiste tijd plaatsen

  • 1848: klassieke grondrechten, de macht van de koning werd kleiner.

  • 1983: de sociale grondrechten kwamen in de grondwet.

  • Een trucje: eerst de vrijheid (1848), later de zorg (1983).

Image credit: Onbekende maker / Rijksmuseum / Wikimedia Commons, CC0

In welk jaar kwamen sociale grondrechten in de grondwet?

A

1848

B

1983

C

1917

D

1989

Sociale grondrechten kwamen in 1983. Verwachte fout: 1848, omdat dat het jaar van de grondwet is.

Zet op volgorde, van vroeg naar laat

1

Einde van de Tweede Wereldoorlog

2

Opbouw van de verzorgingsstaat

3

Sociale grondrechten in de grondwet

4

Grondwetswijziging van 1848

Volgorde: 1848, 1945, verzorgingsstaat daarna, 1983. Verwachte fout: 1848 en 1983 omdraaien.

Welk vraagtype vind jij het lastigst?

1

Soort vraag herkennen

2

Klassiek of sociaal

3

Botsende grondrechten

4

In de juiste tijd plaatsen

Deze slide heeft geen instructies

STAATSINRICHTING · GRONDRECHTEN

Tips voor op het examen

  • Klassiek of sociaal? Denk: tegen de overheid of door de overheid.

  • Onderwijs staat twee keer: vrijheid van onderwijs is klassiek, recht op onderwijs is sociaal.

  • Botsen: noem altijd allebei de rechten en zeg waarom ze elkaar in de weg zitten.

  • 1848 is vrijheid, 1983 is zorg.

Deze slide heeft geen instructies