LES 4 - TAALVERZORGING

1 / 45
volgende
Slide 1: Tekstslide
GesMiddelbare schoolmavoLeerjaar 1

In deze les zitten 45 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Thema 2 - Thuis
Taalverzorging

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

JdW-kijkwijzer
Lesopbouw:

  1. Vooraf:
    Startklaar, Voorkennis activeren, Formatief Handelen

  2. Instructie:
    Leerdoelgericht werken, Inclusieve didactiek, Concrete en herkenbare voorbeelden, Formatief Handelen

  3. Toepassing:
    Actieve verwerking, Formatief handelen 

  4. Evaluatie:
    Afsluiting

Slide 4 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Icoontjes:
Sla deze slide op in je favorieten of klik op het oog om de slide te verbergen.

Kleurcodes:
De kleurcodes in deze les verschillen per lesfase:

informatie
doen
Voorkennis activeren
#EBE7F7
#9C89D7
Theorie/Instructie
#F8DACF 
#FE8F6B
Verwerking
#C4E5C9
#38A84A
Afsluiting
#EBE7F7
#9C89D7

Slide 5 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

"Ruimte voor een belangrijke 
uitspraak waar je net wat meer aandacht aan wil geven"
Ondertitel / naam

Slide 6 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

              Startklaar
  • Op je plek zitten 
  • Telefoon in het Zakkie in de bak
  • Jas over de stoel, oortjes in de tas, tas op de grond
  • Schoolspullen op tafel: Boek, Chromebook, JdW-map, etui 
timer
3:00

Slide 7 - Tekstslide

1. Startklaar
Bij de start van iedere les verwelkomt de docent de leerlingen bij de ingang van de deur, noemt leerlingen bij naam, maakt oogcontact en besteedt aandacht aan hun welbevinden. De docent geeft het goede voorbeeld en spreekt hoge verwachtingen uit voor het verloop van de les door succescriteria op gewenst gedrag, schooltaal en effectief leren te benoemen. De leerlingen zijn startklaar: ingelogd in LessonUp, telefoons opgeborgen in het Zakkie, en JdW-map op tafel.
Lesplanning
  • Voorkennis activeren: 5 vragen
  • Leerdoelen
  • Theorie 1 + opdracht
  • Opdracht 1 
  • Theorie 2
  • Opdracht 2
  • Theorie 3
  • Opdracht 3
  • Theorie 4
  • Opdracht 4
  • Aan de slag
  • Nakijken
  • Begrippen uit deze les
  • Exit-ticket

Slide 8 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

              Voorkennis activeren
We starten met een opdracht om jullie voorkennis te activeren.
Je beantwoordt zo vijf verschillende vragen die te maken hebben met de leerdoelen van deze les.

Onthoud hoe je deze vragen hebt gemaakt, dan kan de docent beter bepalen hoe je het beste verder kunt! 

Slide 9 - Tekstslide

Voorkennis activeren:
In iedere les wordt relevante voorkennis geactiveerd aan de hand van een terugblik-opdracht om zo de mate van stofbeheersing te bepalen en richting te geven aan de rest van de les.

Enkele werkvormen die zich hier mooi voor lenen zijn:

Wat is volgens jou de persoonsvorm?

Het geeft niets als je dit niet meer weet, doe dan een gokje.
Het belangrijkste woord in de zin.
Het werkwoord dat vooraan staat als je de zin vragend maakt.
Het woord dat zegt wie of wat iets doet.
Weet ik niet.

Slide 10 - Poll

Deze slide heeft geen instructies

Wat zijn de persoonsvorm en het onderwerp in de zin?


De hond rent door het park
Let op: het kunnen meerdere woorden zijn, en niet alle woorden worden gebruikt!
Persoonsvorm
Onderwerp
de
hond
rent
door
het
park

Slide 11 - Sleepvraag

Deze slide heeft geen instructies

Wat zijn de persoonsvorm en het onderwerp in de zin?


Straks fietst mijn broer naar school
Let op: het kunnen meerdere woorden zijn, en niet alle woorden worden gebruikt!
Persoonsvorm
Onderwerp
Straks
fietst
mijn
broer
naar
school

Slide 12 - Sleepvraag

Deze slide heeft geen instructies

Wat zijn de persoonsvorm en het onderwerp in de zin?


Vandaag maken Sarah en Lina huiswerk
Let op: het kunnen meerdere woorden zijn, en niet alle woorden worden gebruikt!
Persoonsvorm
Onderwerp
Vandaag
maken
Sarah
en
Lina
huiswerk

Slide 13 - Sleepvraag

Deze slide heeft geen instructies


Vul de juiste persoonsvorm in:

Isabella ... (praten) zo zacht dat niemand haar verstaat.

Slide 14 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies


Vul de juiste persoonsvorm in:

De docent ... (kiezen) wie de beurt krijgt.

Slide 15 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies


Hoeveel vragen heb je goed beantwoord?
05

Slide 16 - Poll

Deze slide heeft geen instructies

Voorkennis

Slide 17 - Woordweb

2. Voorkennis activeren
De docent activeert relevante voorkennis aan de hand van een terugblik-opdracht, waarbij eventueel een beroep op de thuistalen wordt gedaan. Op deze manier biedt de docent een kapstok om nieuwe stof te verbinden aan de eerder geleerde stof en richting te geven aan het verdere verloop van de les. Tegelijkertijd worden hiermee misconcepties van leerlingen zichtbaar gemaakt, waar de docent vervolgens gericht op in kan spelen. 

Voorkennis
Voorkennis
Voorkennis
Voorkennis
A
B
C
D

Slide 18 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

timer
5:00
Voorkennis
Vraag 1
Vraag 2
Vraag 3
Vraag 4

Slide 19 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

           Leerdoelen
Aan het einde van deze les...
  1. kan ik de persoonsvorm van een zin bepalen (T1)
  2. kan ik het onderwerp van een zin bepalen (T1)
  3. kan ik de persoonsvorm spellen in de tegenwoordige tijd (T1)


Slide 20 - Tekstslide

3. Leerdoelgericht werken
De docent geeft het onderwerp, RTTI geformuleerde leerdoelen en de lesopbouw aan. De docent weet de leerdoelen goed te laten aansluiten bij de voorkennis en het (taal)niveau van de leerlingen. Gedurende de les wordt continu een terugkoppeling naar de leerdoelen gemaakt om de mate van beheersing te controleren.   
          Theorie 1
In elke zin staat een werkwoord. Een werkwoord is een woord voor iets wat je kunt doen of wat er gebeurt, zoals de woorden 'lopen', 'fietsen' en 'hebben'.

Een speciaal werkwoord is de persoonsvorm
Dit werkwoord verandert van vorm afhankelijk van wie het doet (één of meer personen) en wanneer het gebeurt.

Als je weet wat de persoonsvorm in de zin is, kun je regels gebruiken om dit werkwoord goed te spellen. 
Je kunt de persoonsvorm in een zin vinden door de zin vragend te maken of in een andere tijd te zetten.

Slide 21 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past diverse strategieën toe om de betrokkenheid van alle leerlingen te garanderen. Door regelmatig het begrip van de lesstof te controleren en zo nodig de uitleg aan te passen, blijft de stof toegankelijk voor iedereen. Flexibele en heterogene differentiatie ondersteunt dit proces. Interactie in de klas wordt versterkt door het gebruik van thuistalen. Verder creëert de docent een contextrijke en inclusieve leeromgeving door (culturele) achtergronden in de lesstof te integreren. Door positief en proactief op leerlinggedrag te reageren, wordt het voor leerlingen makkelijker om gewenst gedrag te tonen en actief deel te nemen aan de les.



Noteer in 1 minuut zoveel mogelijk werkwoorden
timer
1:00

Slide 22 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

           Opdracht 1
Bepaal wat de persoonsvorm van de zin is:
  1. Verander de zin van tijd
    tegenwoordige tijd » verleden tijd
  2. Omcirkel daarna de persoonsvorm in beide zinnen.
Voorbeeld
We krijgen een nieuw technieklokaal.

  1. Verander de zin van tijd
    We kregen een nieuw technieklokaal
  2. Omcirkel daarna de persoonsvorm in beide zinnen.
    We krijgen een nieuw technieklokaal
    We kregen een nieuw technieklokaal

Slide 23 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past diverse strategieën toe om de betrokkenheid van alle leerlingen te garanderen. Door regelmatig het begrip van de lesstof te controleren en zo nodig de uitleg aan te passen, blijft de stof toegankelijk voor iedereen. Flexibele en heterogene differentiatie ondersteunt dit proces. Interactie in de klas wordt versterkt door het gebruik van thuistalen. Verder creëert de docent een contextrijke en inclusieve leeromgeving door (culturele) achtergronden in de lesstof te integreren. Door positief en proactief op leerlinggedrag te reageren, wordt het voor leerlingen makkelijker om gewenst gedrag te tonen en actief deel te nemen aan de les.


           Opdracht 1
Bepaal wat de persoonsvorm van de zin is:
  1. Verander de zin van tijd
    tegenwoordige tijd » verleden tijd
  2. Omcirkel daarna de persoonsvorm in beide zinnen.
Voorbeeld
We krijgen een nieuw technieklokaal.

  1. Verander de zin van tijd
    We kregen een nieuw technieklokaal
  2. Omcirkel daarna de persoonsvorm in beide zinnen.
    We krijgen een nieuw technieklokaal
    We kregen een nieuw technieklokaal

Slide 24 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past diverse strategieën toe om de betrokkenheid van alle leerlingen te garanderen. Door regelmatig het begrip van de lesstof te controleren en zo nodig de uitleg aan te passen, blijft de stof toegankelijk voor iedereen. Flexibele en heterogene differentiatie ondersteunt dit proces. Interactie in de klas wordt versterkt door het gebruik van thuistalen. Verder creëert de docent een contextrijke en inclusieve leeromgeving door (culturele) achtergronden in de lesstof te integreren. Door positief en proactief op leerlinggedrag te reageren, wordt het voor leerlingen makkelijker om gewenst gedrag te tonen en actief deel te nemen aan de les.


           Theorie 2
Hoe je de persoonsvorm moet spellen hangt af van het onderwerp van de zin.

Het onderwerp is de wie of wat die iets doet.
Je kunt het onderwerp vinden door deze vraag te stellen:
wie of wat + persoonsvorm?

Het antwoord op deze vraag is het onderwerp van de zin.

Slide 25 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past diverse strategieën toe om de betrokkenheid van alle leerlingen te garanderen. Door regelmatig het begrip van de lesstof te controleren en zo nodig de uitleg aan te passen, blijft de stof toegankelijk voor iedereen. Flexibele en heterogene differentiatie ondersteunt dit proces. Interactie in de klas wordt versterkt door het gebruik van thuistalen. Verder creëert de docent een contextrijke en inclusieve leeromgeving door (culturele) achtergronden in de lesstof te integreren. Door positief en proactief op leerlinggedrag te reageren, wordt het voor leerlingen makkelijker om gewenst gedrag te tonen en actief deel te nemen aan de les.


           Opdracht 2
Bepaal wat het onderwerp van de zin is:
  1. Omcirkel de persoonsvorm in de zin
  2. Bepaal het onderwerp door antwoord te geven op de vraag:
    wie of wat + persoonsvorm?
  3. Onderstreep het onderwerp in de zin en schrijf het op.
Voorbeeld
Frank bakt een verjaardagstaart voor zijn moeder.
  1. Omcirkel de persoonsvorm in de zin
    Frank bakt een verjaardagstaart voor zijn moeder.
  2. Bepaal het onderwerp door antwoord te geven op de vraag:
    wie of wat + persoonsvorm?
    Wie bakt?
  3. Onderstreep het onderwerp in de zin en schrijf het op.
    Frank bakt een verjaardagstaart voor zijn moeder.

Slide 26 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past diverse strategieën toe om de betrokkenheid van alle leerlingen te garanderen. Door regelmatig het begrip van de lesstof te controleren en zo nodig de uitleg aan te passen, blijft de stof toegankelijk voor iedereen. Flexibele en heterogene differentiatie ondersteunt dit proces. Interactie in de klas wordt versterkt door het gebruik van thuistalen. Verder creëert de docent een contextrijke en inclusieve leeromgeving door (culturele) achtergronden in de lesstof te integreren. Door positief en proactief op leerlinggedrag te reageren, wordt het voor leerlingen makkelijker om gewenst gedrag te tonen en actief deel te nemen aan de les.


           Opdracht 2
Bepaal wat het onderwerp van de zin is:
  1. Omcirkel de persoonsvorm in de zin
  2. Bepaal het onderwerp door antwoord te geven op de vraag:
    wie of wat + persoonsvorm?
  3. Onderstreep het onderwerp in de zin en schrijf het op.
Voorbeeld
Frank bakt een verjaardagstaart voor zijn moeder.
  1. Omcirkel de persoonsvorm in de zin
    Frank bakt een verjaardagstaart voor zijn moeder.
  2. Bepaal het onderwerp door antwoord te geven op de vraag:
    wie of wat + persoonsvorm?
    Wie bakt?
  3. Onderstreep het onderwerp in de zin en schrijf het op.
    Frank bakt een verjaardagstaart voor zijn moeder.

Slide 27 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past diverse strategieën toe om de betrokkenheid van alle leerlingen te garanderen. Door regelmatig het begrip van de lesstof te controleren en zo nodig de uitleg aan te passen, blijft de stof toegankelijk voor iedereen. Flexibele en heterogene differentiatie ondersteunt dit proces. Interactie in de klas wordt versterkt door het gebruik van thuistalen. Verder creëert de docent een contextrijke en inclusieve leeromgeving door (culturele) achtergronden in de lesstof te integreren. Door positief en proactief op leerlinggedrag te reageren, wordt het voor leerlingen makkelijker om gewenst gedrag te tonen en actief deel te nemen aan de les.


           Theorie 3
Om een persoonsvorm goed te kunnen spellen, moet je ook bepalen wat de ik-vorm van het werkwoord is. 
De ik-vorm van een werkwoord is de vorm als 'ik' het doet.

Slide 28 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past diverse strategieën toe om de betrokkenheid van alle leerlingen te garanderen. Door regelmatig het begrip van de lesstof te controleren en zo nodig de uitleg aan te passen, blijft de stof toegankelijk voor iedereen. Flexibele en heterogene differentiatie ondersteunt dit proces. Interactie in de klas wordt versterkt door het gebruik van thuistalen. Verder creëert de docent een contextrijke en inclusieve leeromgeving door (culturele) achtergronden in de lesstof te integreren. Door positief en proactief op leerlinggedrag te reageren, wordt het voor leerlingen makkelijker om gewenst gedrag te tonen en actief deel te nemen aan de les.


           Opdracht 3
Bepaal wat de ik-vorm van de persoonsvorm is. 
  1. Schrijf de persoonsvorm van de zin op
  2. Schrijf daarna de ik-vorm van de persoonsvorm op
Voorbeeld
De conciërges zetten koffie voor de ouders.

  1. Schrijf de persoonsvorm van de zin op
    zetten
  2. Schrijf daarna de ik-vorm van de persoonsvorm op
    (ik) zet

Slide 29 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past diverse strategieën toe om de betrokkenheid van alle leerlingen te garanderen. Door regelmatig het begrip van de lesstof te controleren en zo nodig de uitleg aan te passen, blijft de stof toegankelijk voor iedereen. Flexibele en heterogene differentiatie ondersteunt dit proces. Interactie in de klas wordt versterkt door het gebruik van thuistalen. Verder creëert de docent een contextrijke en inclusieve leeromgeving door (culturele) achtergronden in de lesstof te integreren. Door positief en proactief op leerlinggedrag te reageren, wordt het voor leerlingen makkelijker om gewenst gedrag te tonen en actief deel te nemen aan de les.


           Opdracht 3
Bepaal wat de ik-vorm van de persoonsvorm is. 
  1. Schrijf de persoonsvorm van de zin op
  2. Schrijf daarna de ik-vorm van de persoonsvorm op
Voorbeeld
De conciërges zetten koffie voor de ouders.

  1. Schrijf de persoonsvorm van de zin op
    zetten
  2. Schrijf daarna de ik-vorm van de persoonsvorm op
    (ik) zet

Slide 30 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past diverse strategieën toe om de betrokkenheid van alle leerlingen te garanderen. Door regelmatig het begrip van de lesstof te controleren en zo nodig de uitleg aan te passen, blijft de stof toegankelijk voor iedereen. Flexibele en heterogene differentiatie ondersteunt dit proces. Interactie in de klas wordt versterkt door het gebruik van thuistalen. Verder creëert de docent een contextrijke en inclusieve leeromgeving door (culturele) achtergronden in de lesstof te integreren. Door positief en proactief op leerlinggedrag te reageren, wordt het voor leerlingen makkelijker om gewenst gedrag te tonen en actief deel te nemen aan de les.


           Theorie 4
Staat de zin in tegenwoordige tijd? 

Spel de persoonsvorm dan zo:
  1. Bepaal wat de persoonsvorm van de zin is.
  2. Bepaal wat het onderwerp van de zin is.
  3. Bepaal wat de ik-vorm van de persoonsvorm is.
  4. Spel de persoonsvorm volgens de regels in het schema.

Slide 31 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past diverse strategieën toe om de betrokkenheid van alle leerlingen te garanderen. Door regelmatig het begrip van de lesstof te controleren en zo nodig de uitleg aan te passen, blijft de stof toegankelijk voor iedereen. Flexibele en heterogene differentiatie ondersteunt dit proces. Interactie in de klas wordt versterkt door het gebruik van thuistalen. Verder creëert de docent een contextrijke en inclusieve leeromgeving door (culturele) achtergronden in de lesstof te integreren. Door positief en proactief op leerlinggedrag te reageren, wordt het voor leerlingen makkelijker om gewenst gedrag te tonen en actief deel te nemen aan de les.


           Opdracht 4
Spel de persoonsvorm van de zin in de tegenwoordige tijd.
  1. Onderstreep het onderwerp in de zin.
  2. Schrijf daarna de juiste spelling van de persoonsvorm in de zin.
Voorbeeld
Waarom ... (gaan) je nu al naar huis?

  1. Onderstreep het onderwerp in de zin.
    Waarom ... (gaan) je nu al naar huis?
  2. Schrijf daarna de juiste spelling van de persoonsvorm in de zin.
    Waarom ga je nu al naar huis?

Slide 32 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past diverse strategieën toe om de betrokkenheid van alle leerlingen te garanderen. Door regelmatig het begrip van de lesstof te controleren en zo nodig de uitleg aan te passen, blijft de stof toegankelijk voor iedereen. Flexibele en heterogene differentiatie ondersteunt dit proces. Interactie in de klas wordt versterkt door het gebruik van thuistalen. Verder creëert de docent een contextrijke en inclusieve leeromgeving door (culturele) achtergronden in de lesstof te integreren. Door positief en proactief op leerlinggedrag te reageren, wordt het voor leerlingen makkelijker om gewenst gedrag te tonen en actief deel te nemen aan de les.


           Aan de slag
Maak zelfstandig opdracht 5 (blz. 142-144)
  • Maak met elk werkwoord een zin die bij de afbeelding past in de tegenwoordige tijd

Ben je klaar?
  • Bedenk bij opdracht 6 (blz. 145) de tekst bij een stripverhaal. Gebruik hierbij de controlelijst op blz. 146.
timer
15:00

Slide 33 - Tekstslide

6. Actieve verwerking
De docent maakt expliciet hoe de leerstof actief verwerkt dient te worden. De docent start met modelleren en laat leerlingen vervolgens actief inoefenen. Volgens het 'ik-wij-jullie/jij-wij' principe wordt de ondersteuning geleidelijk afgebouwd. Er wordt gevarieerd in oefentypes en het leerproces wordt zichtbaar gemaakt, bijvoorbeeld met hardop denken opdrachten. Effectieve leerstrategieën zoals zelftesten, gespreid leren, schema’s maken, en samenvatten volgens de Cornell-methode worden expliciet aangeleerd. Dit herkneden van de lesstof helpt bij het bewerken van het lange termijn geheugen
           Nakijken
We kijken opdracht 5 gezamenlijk na:
Jullie typen per afbeelding de zin die je hebt gemaakt. De docent geeft aan of je de persoonsvorm goed gespeld hebt. 
timer
15:00

Slide 34 - Tekstslide

6. Actieve verwerking
De docent maakt expliciet hoe de leerstof actief verwerkt dient te worden. De docent start met modelleren en laat leerlingen vervolgens actief inoefenen. Volgens het 'ik-wij-jullie/jij-wij' principe wordt de ondersteuning geleidelijk afgebouwd. Er wordt gevarieerd in oefentypes en het leerproces wordt zichtbaar gemaakt, bijvoorbeeld met hardop denken opdrachten. Effectieve leerstrategieën zoals zelftesten, gespreid leren, schema’s maken, en samenvatten volgens de Cornell-methode worden expliciet aangeleerd. Dit herkneden van de lesstof helpt bij het bewerken van het lange termijn geheugen

Typ de zin die je hebt gemaakt
bij de afbeelding rechts (dweilen)

Slide 35 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies


Typ de zin die je hebt gemaakt
bij de afbeelding rechts (verven)

Slide 36 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies


Typ de zin die je hebt gemaakt
bij de afbeelding rechts (lachen)

Slide 37 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies


Typ de zin die je hebt gemaakt
bij de afbeelding rechts (wassen)

Slide 38 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies


Typ de zin die je hebt gemaakt
bij de afbeelding rechts (snijden)

Slide 39 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies


Typ de zin die je hebt gemaakt
bij de afbeelding rechts (lezen)

Slide 40 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

           Begrippen
           uit deze les
  • persoonsvorm
  • onderwerp
  • tegenwoordige tijd
  • verleden tijd

Slide 41 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

           Exit-ticket
Werk met je schoudermaatje:

  • Heb je het stripverhaal ingevuld?
    Vergelijk jullie stripverhalen en controleer ze met 
  • Heb je het stipverhaal nog niet ingevuld?
    Maak de opdracht samen. Denk daarbij aan 
de controlelijst taalverzorging
Controlelijst taalverzorging
  • Het eerste woord van elke zin begint met een hoofdletter.
  • Elke zin eindigt met een punt, uitroepteken of vraagteken.
  • Elke naam begint met een hoofdletter.
  • Elke persoonsvorm in de tegenwoordige tijd is goed gespeld
de controlelijst taalverzorging
Controlelijst taalverzorging
  • Het eerste woord van elke zin begint met een hoofdletter.
  • Elke zin eindigt met een punt, uitroepteken of vraagteken.
  • Elke naam begint met een hoofdletter.
  • Elke persoonsvorm in de tegenwoordige tijd is goed gespeld

Slide 42 - Tekstslide

6. Actieve verwerking
De docent maakt expliciet hoe de leerstof actief verwerkt dient te worden. De docent start met modelleren en laat leerlingen vervolgens actief inoefenen. Volgens het 'ik-wij-jullie/jij-wij' principe wordt de ondersteuning geleidelijk afgebouwd. Er wordt gevarieerd in oefentypes en het leerproces wordt zichtbaar gemaakt, bijvoorbeeld met hardop denken opdrachten. Effectieve leerstrategieën zoals zelftesten, gespreid leren, schema’s maken, en samenvatten volgens de Cornell-methode worden expliciet aangeleerd. Dit herkneden van de lesstof helpt bij het bewerken van het lange termijn geheugen
Klik op de spinner
Formatief evalueren

Slide 43 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies


Ben je blij met het resultaat?
😒🙁😐🙂😃

Slide 44 - Poll

Deze slide heeft geen instructies

Eindslide

Slide 45 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies