6. Dichtheid en toepassingen

6. Dichtheid en toepassingen
Ga rustig zitten op je plek.
Je jas en telefoon zijn aan de kapstok en in de kluis.
Pak je boek, schrift en iPad op tafel.
1 / 21
volgende
Slide 1: Tekstslide
NatuurkundeMiddelbare schoolmavoLeerjaar 3

In deze les zitten 21 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 45 min

Onderdelen in deze les

6. Dichtheid en toepassingen
Ga rustig zitten op je plek.
Je jas en telefoon zijn aan de kapstok en in de kluis.
Pak je boek, schrift en iPad op tafel.

Slide 1 - Tekstslide

Dit gaan we leren:
Je kunt ten minste drie eigenschappen noemen die belangrijk zijn voor een constructiemateriaal.

Je kunt beschrijven waarom dichtheid belangrijk kan zijn bij constructie.

Je kunt berekeningen uitvoeren met massa, volume en dichtheid.

Slide 2 - Tekstslide

Vorige les:
Chemische reacties. O.a. corrosie.

Bij constructie (maken van voertuigen, gebouwen enz.) wil je graag materialen gebruiken die goed tegen corrosie bestand zijn. Dat is een materiaaleigenschap.

Slide 3 - Tekstslide

Hout wordt veel gebruikt voor meubels. Welke eigenschap van hout maakt dat het geschikt is voor meubels?

Slide 4 - Open vraag

Hout is sterk (je kan er veel krachten op uitoefenen).
Hout is makkelijk te bewerken met zagen, beitels enz. We noemen dat verspaanbaar.
Hout kan op veel manieren stevig aan elkaar verbonden worden.

Slide 5 - Tekstslide

Glas wordt veel gebruikt voor verpakkingen. Welke eigenschap maakt het daar geschikt voor?

Slide 6 - Open vraag

Glas kan vaste, vloeibare én gasvormige stoffen tegenhouden.
Glas is goed te recyclen.

Nadeel: het is breekbaar dus moet je vrij dik glas gebruiken. Daardoor wordt de verpakking zwaarder.

Slide 7 - Tekstslide

Vliegtuigen bestaan o.a. uit aluminium. Welke eigenschap van aluminium maakt het geschikt voor vliegtuigen?

Slide 8 - Open vraag

Aluminium is sterk.
Wanneer aluminium corrodeert, komt er een beschermend laagje om het metaal (beschermd tegen aantasting).
Aluminium heeft een lage dichtheid.
Per kubieke meter weegt het relatief weinig.

Slide 9 - Tekstslide

Zeggen dat aluminium 'licht' is zegt niet veel - je kan 1 kg of 1000 kg aluminium hebben.

Als je twee even grote blokken hebt (gelijk volume), dan is die van staal zwaarder dan aluminium. In dezelfde ruimte zit meer massa bij staal en minder massa bij aluminium.

Slide 10 - Tekstslide

Dichtheid is een stofeigenschap - kenmerkend voor een stof en verandert niet. Het is belangrijk als iets zo licht mogelijk moet zijn (zoals een vliegtuig).

Je berekent het zo: 
dichtheid = massa / volume
ρ = m / V

Slide 11 - Tekstslide

Rekenen met dichtheid
Bij deze formule zijn de eenheden extra belangrijk. De eenheid van dichtheid kan namelijk wisselen (kg per m³, g per cm³, g per mL enzovoorts).

Stel: je hebt een massa van 10 gram en een volume van 2 cm³, dan krijg je:

ρ = m / V = 10 gram / 5 cm³ = 2 gram per cm³ (2 g/cm³)
2 gram per cm³ betekent: voor elke cm³ die je hebt, heb je 2 gram aan massa.

Slide 12 - Tekstslide

Voordoen
Ik heb een ring en ik wil weten of het echt zilver is. Ik meet dat de ring een volume heeft van 5 cm³ en dat hij 52,5 gram weegt.
Gegeven: V = 5 cm³, m = 52,5 gram, ρ = ?
Formule: ρ = m / V
Invullen: ρ = 52,5 gram / 5 cm³
Rekenen en  eenheid: ρ = 10,5 g/cm³
De dichtheid van zilver is 10,5 g/cm³, dus waarschijnlijk is dit een zilveren ring.

Slide 13 - Tekstslide

Oefenen
De massa van de kogel is 19 gram.
Het volume wordt bepaald met de onderdompelmethode.
Bereken de dichtheid van de kogel.

Gegeven:
m = 19 gram
V = ... cm³
ρ = ?
timer
1:00

Slide 14 - Tekstslide

De dichtheid van de kogel is...
(antwoord op één decimaal en met eenheid)

Slide 15 - Open vraag

Gegevens:
m = 19 gram
V = 81 - 74 = 7 cm³
ρ = ?
Formule: ρ = m / V
Invullen: ρ = 19 gram / 7 cm³
Rekenen: 19 / 7 = 2,7
Eenheid: ρ = 2,7 g/cm³

Slide 16 - Tekstslide

Antwoord goed? --> Maken paragraaf 7.4, opdrachten 4 t/m 9.
Werk in stilte zolang ik klassikaal nog bezig ben.

Antwoord niet goed? Klassikaal maken oefenopdrachten.

Slide 17 - Tekstslide

Oefenen
1. Een stalen plaat heeft een massa van 47 000 kg en een volume van 6 m³. Bereken de dichtheid van het staal.
2. Een gouden ring weegt 50 gram. De dichtheid van goud is 19,3 g/cm³. Bereken het volume van de ring.
3. Bij vraag 2 wordt de dichtheid van goud genoemd. Als je goud in water doet, blijft het dan drijven, zweven, of zinkt het? Gebruik Binas voor de dichtheid van water.
timer
3:00

Slide 18 - Tekstslide

Oefenen
1. Een stalen plaat heeft een massa van 47 000 kg en een volume van 6 m³. 47 000 kg / 6 m³ = 7 833 kg/m³
2. Een gouden ring weegt 150 gram. De dichtheid van goud is 19,3 g/cm³. 
V = m / ρ = 150 gram / 19,3 g/cm³ = 7,8 cm³
3. Blijft goud drijven in water?
De dichtheid van goud is veel groter dan die van water (1 g/cm³), dus het goud zinkt.

Slide 19 - Tekstslide

Aan de slag!
Nog niet goed begrepen? --> Kom vooraan zitten zodat we samen de eerste paar opdrachten kunnen maken.

Maak: paragraaf 7.4, opdrachten 4 t/m 9 én paragraaf 7.1, opdrachten 1 t/m 5, 8 en 9.
Hoe: in je boek, gebruik de theorie bij de vragen.
Met wie: je mag nu rustig overleggen met je buur.
Hoe lang: tot einde les de tijd.

Slide 20 - Tekstslide

Aan de slag!
Noteer in je schrift of document de uitwerking van de leerdoelen:
1. Je kunt ten minste drie eigenschappen noemen die belangrijk zijn voor een constructiemateriaal.
2. Je kunt beschrijven waarom dichtheid belangrijk kan zijn bij constructie.

Klaar? Maak de huiswerkopgaven: paragraaf 7.4, opdrachten 4 t/m 9.

Slide 21 - Tekstslide