TIJDVAK 6 · 1600-1700
Examentraining
Regenten en vorsten: zo pak je examenvragen aan
TIJDVAK 6 · 1600-1700
Examentraining
Regenten en vorsten: zo pak je examenvragen aan
Les 2 van 3. Laat leerlingen in tweetallen overleggen bij de open vragen. Image credit: Hyacinthe Rigaud / Wikimedia Commons, publiek domein
TIJDVAK 6 · 1600-1700
Wat ga je kunnen?
Ik kan examenvragen over tijdvak 6 beantwoorden: ordenen, een kenmerkend aspect herkennen, oorzaken en gevolgen onderscheiden en continuïteit en verandering benoemen.
Deze slide heeft geen instructies
TIJDVAK 6 · 1600-1700
Zo pak je een examenvraag aan
1. Lees: bestudeer bron en vraag, let op jaartal, maker en situatie
2. Zoek: welk kenmerkend aspect, begrip of soort oorzaak past erbij?
3. Schrijf: antwoord met een term uit de stof en een verwijzing naar de bron
Deze slide heeft geen instructies
TIJDVAK 6 · 1600-1700
Vraagtype 1: ordenen in de tijd
Gebruik de tien tijdvakken als referentiekader: tijdvak 5 loopt tot 1600, tijdvak 7 begint in 1700
Jaartallen als 1609, 1610, 1633 en 1687 zijn je ankers
Deze slide heeft geen instructies
Zet op volgorde, van vroeg naar laat
1609, 1610, 1633, 1687.
Een pamflet uit 1566 en een schilderij uit 1666. In welke tijdvakken vallen ze?
Tijdvak 4 en tijdvak 5
Tijdvak 6 en tijdvak 7
Tijdvak 5 en tijdvak 6
Tijdvak 5 en tijdvak 7
1566 ligt voor 1600 (tijdvak 5), 1666 tussen 1600 en 1700 (tijdvak 6). Fout: tijdvak 7 begint pas in 1700.
TIJDVAK 6 · 1600-1700
Vraagtype 2: kenmerkend aspect herkennen
Je krijgt een onbekend voorbeeld en moet uitleggen bij welk kenmerkend aspect (23 tot 26) het hoort
Zoek signaalwoorden en koppel ze aan een begrip uit de stof
Deze slide heeft geen instructies
Een koning regeert zonder parlement en beroept zich op Gods gezag. Aspect?
Het streven van vorsten naar absolute macht
De bijzondere plaats van de Nederlandse Republiek
Wereldwijde handelscontacten en handelskapitalisme
De wetenschappelijke revolutie
Gezag van God is het droit divin, zonder parlement is absolutisme (KA 23). Fout: de Republiek, want daar was geen vorst.
Een buitenlander klimt in Amsterdam snel op tot rijk koopman. Aspect?
Het streven van vorsten naar absolute macht
De wetenschappelijke revolutie
Het begin van een wereldeconomie
De bijzondere plaats en bloei van de Republiek
Volgens de syllabus konden buitenlandse kooplieden in de Republiek relatief snel opklimmen (KA 24). Fout: wereldeconomie, want de nadruk ligt op de positie in de Republiek zelf.
TIJDVAK 6 · 1600-1700
Vraagtype 3: oorzaken en gevolgen
Onderscheid soorten oorzaken: politiek-bestuurlijk, sociaaleconomisch en cultureel-mentaal
Onderscheid ook directe en indirecte oorzaken, en korte en lange termijn
Deze slide heeft geen instructies
Het gemeen werd Oranjegezind. Welke oorzaak is sociaaleconomisch?
Regenten als De Witt waren staatsgezind
Het gemeen had minder van de welvaart geprofiteerd
Spanje erkende de Republiek in 1648
Lodewijk XIV regeerde met absolute macht
Verdeling van welvaart is sociaaleconomisch. Fout: staatsgezind is een politieke keuze, dus politiek-bestuurlijk.
Noem een gevolg van het mercantilisme.
Goed: de handel van de Republiek leed onder Engelse en Franse maatregelen, waardoor de concurrentie toenam. Verwachte fout: een oorzaak noemen.
TIJDVAK 6 · 1600-1700
Vraagtype 4: continuïteit en verandering
Benoem wat veranderde en wat bleef; let op tempo (snel of geleidelijk), duur en schaal
Een verandering kan politiek, economisch of cultureel-mentaal zijn
Deze slide heeft geen instructies
Welke cultureel-mentale verandering volgde uit debatten over natuurwetten?
Godsdienst en geweten werden een zaak van het individu
Vorsten gingen het geloof van hun onderdanen bepalen
De kerk kreeg meer zeggenschap over de wetenschap
Het gezag van oude schrijvers werd versterkt
Volgens de syllabus werden godsdienst en geweten minder een zaak van staat of vorst. Fout: zeggenschap van de kerk, dat is de oude situatie.
Welke continuïteit zie je in de Republiek voor en na het Rampjaar 1672?
Het stadhouderschap werd afgeschaft
De Republiek werd een koninkrijk
Regenten bleven het stadsbestuur beheersen
De handel groeide onverminderd door
Na 1672 namen investeringen in het buitenland en oligarchisering toe, maar de regenten bleven aan de macht. Fout: de handel groeide door, want de leidende positie ging verloren.
Welk vraagtype vind jij het lastigst?
Ordenen in de tijd
Kenmerkend aspect herkennen
Oorzaken en gevolgen
Continuïteit en verandering
Deze slide heeft geen instructies
TIJDVAK 6 · 1600-1700
Tips voor op het examen
Leer de jaartallen 1602, 1648, 1672 en 1687 uit je hoofd
Koppel elk voorbeeld aan één kenmerkend aspect (23 tot 26)
Gebruik in je antwoord altijd een begrip uit de stof
Deze slide heeft geen instructies