Nederland 1978-2008: Europa (Geschiedenis havo), les 2: Examentraining

NEDERLAND 1978-2008

Examentraining

Nederland 1978-2008: Europa: zo pak je examenvragen aan

1 / 17
next
Slide 1: Slide
New lesson editorGeschiedenisMiddelbare schoolhavoLeerjaar 4,5

This lesson contains 17 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 45 min
Report this lesson

Introduction

Leerlingen oefenen examenvragen over oorzaken en gevolgen, standplaatsgebondenheid, bruikbaarheid van bronnen en continuïteit en verandering, met concrete situaties uit Nederland 1978-2008. Docenten kunnen de stappen klassikaal doornemen.

Items in this lesson

NEDERLAND 1978-2008

Examentraining

Nederland 1978-2008: Europa: zo pak je examenvragen aan

Les 2 van 3. Laat leerlingen in tweetallen overleggen bij de open vragen. Image credit: Rob Bogaerts for Anefo, Nationaal Archief / Wikimedia Commons, CC0

NEDERLAND 1978-2008

Wat ga je kunnen?

Ik kan examenvragen over Nederland 1978-2008 beantwoorden: oorzaken en gevolgen, standplaatsgebondenheid, bronnen en continuïteit en verandering.

This item has no instructions

NEDERLAND 1978-2008

Zo pak je een examenvraag aan

  • 1. Lees: bestudeer de vraag en de bron, let op maker, doel en jaartal

  • 2. Zoek: welk begrip uit de stof hoort bij dit voorbeeld?

  • 3. Schrijf: antwoord met een begrip en een verwijzing naar de bron of het gegeven

This item has no instructions

Containerschip in het Calandkanaal bij Europoort, 19 september 2002

NEDERLAND 1978-2008

Vraagtype 1: oorzaken en gevolgen

  • Onderscheid soorten: politiek-bestuurlijk, sociaaleconomisch, cultureel-mentaal

  • Let ook op aanleiding of dieper liggende oorzaak, en op korte of lange termijn

Image credit: Leo Johannes / Wikimedia Commons, CC BY-SA 4.0

Door globalisering bloeide de Nederlandse handel op. Welk soort oorzaak is dat?

A

Een sociaaleconomische oorzaak

B

Een politiek-bestuurlijke oorzaak

C

Een cultureel-mentale oorzaak

D

Een directe aanleiding

Handel en welvaart zijn sociaaleconomisch. Verwachte fout: politiek-bestuurlijk.

Wat ging vooraf aan de bezuinigingspolitiek van de regeringen onder Lubbers?

A

De invoering van de euro

B

De val van Srebrenica

C

Het Verdrag van Maastricht

D

De economische crisis met kritiek op de verzorgingsstaat

Eerst de crisis, dan het beleid. Verwachte fout: gebeurtenissen die later kwamen.

Demonstratie tegen kruisraketten, Den Haag, 26 oktober 1985

NEDERLAND 1978-2008

Vraagtype 2: standplaatsgebondenheid

  • Verklaar gedrag vanuit de kennis en waarden van toen, niet van nu

  • Vraag jezelf: wat wisten mensen toen, en wat vonden ze belangrijk?

Image credit: Rob Bogaerts / Anefo, Nationaal Archief / Wikimedia Commons, CC0

Waarom demonstreerden in de jaren 1980 veel mensen tegen kruisraketten?

A

Ze wilden dat Nederland de euro invoerde

B

Ze vreesden een atoomoorlog tussen de blokken

C

Ze wilden de NAVO uitbreiden naar het oosten

D

Ze steunden de privatisering van staatsbedrijven

Vanuit de kennis van toen: wapenwedloop en dreiging van een atoomoorlog. Verwachte fout: antwoorden met latere gebeurtenissen.

Waarom koos Nederland voor Europa?

Goed: als handelsland profiteerde Nederland van Europese samenwerking en een grote markt. Verwachte fout: alleen politieke redenen noemen.

FNV-demonstratie tegen het kabinetsbeleid, Utrecht, 11 juni 1983

NEDERLAND 1978-2008

Vraagtype 3: bruikbaarheid van bronnen

  • Weeg een bron op betrouwbaarheid en representativiteit

  • Let op de maker, het doel, het publiek en het moment van maken

Image credit: Rob Croes for Anefo, Nationaal Archief / Wikimedia Commons, CC0

Een foto toont FNV-demonstranten in 1983. Wat is de beperking als bron?

A

Ze toont alleen de mening van deze demonstranten

B

Ze is onbetrouwbaar omdat het een foto is

C

Ze toont de mening van alle Nederlanders

D

Ze is onbruikbaar omdat ze uit 1983 komt

Representativiteit: een foto van demonstranten zegt niets over alle burgers. Verwachte fout: een foto is nooit bruikbaar.

Stel: een minister noemt in 1990 de bezuinigingspolitiek een succes. Wat is belangrijk?

A

De minister kent de cijfers niet

B

Een toespraak is altijd onwaar

C

De minister verdedigt zijn eigen beleid

D

De bezuinigingen waren mislukt

Betrouwbaarheid hangt af van maker en doel. Verwachte fout: de bron meteen onwaar noemen.

Euromunten

NEDERLAND 1978-2008

Vraagtype 4: continuïteit en verandering

  • Wat bleef gelijk en wat veranderde, in tempo, duur en schaal?

  • Noem altijd het moment of de periode waarop de verandering begint

Image credit: Lukasz Kobus, Europese Commissie / Wikimedia Commons, CC BY 4.0

Wat veranderde er aan de verzorgingsstaat vanaf de jaren 1980?

A

Ze werd helemaal afgeschaft

B

Ze werd beperkt, maar bleef bestaan

C

Ze werd juist sterk uitgebreid

D

Er veranderde niets

Beperken, niet afschaffen. Verwachte fout: afgeschaft.

Noem een verandering en een continuïteit na 1990.

Vraag naar de periode na 1990. Goed: verandering, bijvoorbeeld kleinere invloed in Europa of terughoudender na Srebrenica; continuïteit, bijvoorbeeld voorstander van Europese samenwerking als handelsland. Verwachte fout: twee keer een verandering.

Welk vraagtype vind jij het lastigst?

1

Oorzaken en gevolgen

2

Standplaatsgebondenheid

3

Bruikbaarheid van bronnen

4

Continuïteit en verandering

Oefen het vraagtype met de meeste stemmen extra.

NEDERLAND 1978-2008

Tips voor op het examen

  • Noem altijd een begrip uit de stof, zoals poldermodel of globalisering

  • Verwijs bij bronvragen naar maker, doel en moment

  • Let bij tijdsvragen op jaartallen: 1978 en 2008 zijn keerpunten

This item has no instructions