Taboe of gewoon bespreekbaar?

1 0 O K T O B E R : W E R E L D M E N T A L E G E Z O N D H E I D S D A G

Taboe of gewoon bespreekbaar?

Mentale gezondheid in de samenleving en op onze school.

Binnenweer, les 2 van 3

1 / 16
volgende
Slide 1: Slide
newEditorMiddelbare schoolvmbo, havo, vwo

In deze les zitten 16 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

Dit is niet oké

Introductie

Over een gebroken enkel praat iedereen, over somberheid veel minder snel. In deze les rond Wereld Mentale Gezondheidsdag (10 oktober) leren leerlingen wat stigma en taboe zijn, en hoe schaamte en vooroordelen ervoor zorgen dat mensen later hulp zoeken. Ze kijken naar de rol van de samenleving, zoals prestatiedruk, social media en zorgen over de toekomst, nemen in een stellingenspel onderbouwd een standpunt in en schrijven in groepjes een concreet advies voor de eigen schoolleiding. Met afspraken voor een veilig gesprek en argumenten voor beide kanten in de notities. Les 2 van de reeks Binnenweer, ongeveer 50 minuten, vmbo, havo en vwo, leerjaar 3 tot en met 6.

Onderdelen in deze les

1 0 O K T O B E R : W E R E L D M E N T A L E G E Z O N D H E I D S D A G

Taboe of gewoon bespreekbaar?

Mentale gezondheid in de samenleving en op onze school.

Binnenweer, les 2 van 3

Deze les hoort bij Wereld Mentale Gezondheidsdag (10 oktober) en is de tweede les uit de reeks Binnenweer voor vmbo, havo en vwo, leerjaar 3 tot en met 6. Duur: ongeveer 50 minuten. Waar les 1 over jezelf ging, kijkt deze les naar de samenleving en de school.

Leerdoelen

De leerling kan uitleggen wat stigma is en hoe het mensen ervan weerhoudt hulp te zoeken.De leerling kan een onderbouwd standpunt innemen over mentale gezondheid in de samenleving.De leerling kan een concreet en haalbaar voorstel formuleren voor de eigen school.

Houd het stellingenspel op maatschappelijk niveau en laat leerlingen niet over eigen ervaringen praten als ze dat niet willen. Wie niet wil kiezen, mag in het midden staan. Grijp in bij grappen over psychische problemen en leg uit waarom die kwetsen. Leerlingen die geraakt worden, spreek je na de les apart aan en verwijs je zo nodig naar de mentor of zorgcoördinator.

Wil je cijfers laten zien over jongeren en mentale klachten? Het Trimbos-instituut en het CBS publiceren ze. Voor het stellingenspel is het handig om de tafels opzij te schuiven, zodat leerlingen aan twee kanten van het lokaal kunnen gaan staan. Image credit: JustinH / Wikimedia Commons, CC0

V O O R D A T W E B E G I N N E N

Zo praten we vandaag

We praten over de samenleving, niet over elkaar.

Je hoeft niets over jezelf te vertellen.

Twijfel je? Het midden mag ook.

Kiezen is nooit verplicht.

Elk argument krijgt een kans.

Je mag het oneens zijn, niet onaardig.

Geen grappen over psychische problemen.

Wat voor jou een grap is, kan een ander raken.

Neem de afspraken door voordat het stellingenspel begint. Spreek af hoe je iemand het woord geeft, zodat de discussie niet alleen door de luidste leerlingen wordt gevoerd.

Waarom vertellen mensen wel dat ze hun enkel hebben gebroken, maar minder snel dat ze zich somber voelen?

Mogelijke antwoorden: een gebroken enkel zie je, somberheid niet. Mensen weten niet goed hoe ze moeten reageren. Je bent bang dat anderen je zwak, raar of aanstellerig vinden. Je schaamt je, of je denkt dat je het zelf moet oplossen. Dit is de opstap naar de begrippen stigma en taboe op de volgende dia.

B E G R I P P E N

Stigma en taboe

Stigma

Een negatief etiket dat mensen op anderen plakken.

B i j v o o r b e e l d

"Wie naar een psycholoog gaat, is zwak."

Taboe

Iets waar je liever niet over praat.

B i j v o o r b e e l d

Op een verjaardag vertel je wel over je nieuwe baan, maar niet dat je bij de psycholoog loopt.

Een stigma gaat over hoe mensen naar een groep kijken, een taboe over waar we niet over praten. Ze versterken elkaar: omdat er vooroordelen zijn, praten mensen er niet over, en omdat er niet over gepraat wordt, blijven de vooroordelen bestaan. Vraag de klas om meer voorbeelden van vooroordelen over psychische problemen.

U I T L E G

Hoe een taboe blijft bestaan

Vooroordelen

Psychische problemen zijn iets voor zwakke mensen.

Schaamte

Ik wil niet dat anderen zo over mij denken.

Zwijgen

Ik vertel het niemand en probeer het zelf op te lossen.

Later hulp

Klachten worden zwaarder voordat iemand hulp zoekt.

Zo houdt een stigma zichzelf in stand. Door vooroordelen schamen mensen zich, en wie zich schaamt, zwijgt. Daardoor zoeken mensen vaak pas laat hulp, terwijl klachten die op tijd aandacht krijgen meestal beter te behandelen zijn. En omdat bijna niemand erover praat, lijkt het of weinig mensen het hebben, waardoor de vooroordelen blijven.

Vraag: waar kun je deze cirkel doorbreken? Bijvoorbeeld door er gewoon over te praten, door bekende mensen die open zijn over hun klachten, of door goed te reageren als iemand iets vertelt.

C H E C K

Wat past het best bij het begrip stigma?

A

Een medische diagnose van een arts

B

Een gesprek met een psycholoog

C

Een wet die mensen beschermt

D

Een negatief etiket of vooroordeel over een groep mensen

Een stigma is een negatief etiket of vooroordeel over een groep mensen. Een diagnose wordt door een arts of psycholoog gesteld en is juist geen oordeel. Laat leerlingen een voorbeeld van een stigma noemen dat ze kennen, bijvoorbeeld over mensen met een depressie of ADHD.

D E S A M E N L E V I N G

Het ligt niet alleen aan jou

Mentale gezondheid hangt ook samen met de samenleving om je heen.

Prestatiedruk

Goede cijfers, het juiste vervolg, een bijbaan, sporten. Het moet allemaal tegelijk.

Social media

Altijd bereikbaar, en steeds vergelijken met het mooiste moment van een ander.

Zorgen over de toekomst

Klimaat, een huis vinden, genoeg geld verdienen.

Mentale gezondheid is niet alleen iets van jezelf: ook de samenleving speelt mee. Dat betekent dat er ook buiten jezelf oplossingen zijn, bijvoorbeeld op school of in de politiek. Vraag de klas welke van de drie zij het meest herkennen in hun omgeving, en wat ze nog missen.

S T E L L I N G E N S P E L

Waar sta jij?

1

Lees de stelling en kies in LessonUp: eens of oneens.

2

Ga staan aan de kant van je keuze. Twijfel je? Ga in het midden staan.

3

Geef één argument. Reageer daarna op een argument van de andere kant.

Wijs de twee kanten van het lokaal aan: links eens, rechts oneens. Laat na elke stelling eerst een leerling uit de kleinste groep aan het woord, en vraag daarna of iemand van plek wil wisselen na het horen van de argumenten. Houd het gesprek op het niveau van de samenleving.

S T E L L I N G 1

Op social media wordt mentale gezondheid eerder bespreekbaar gemaakt dan in het echte leven.

1

Eens

2

Oneens

Eens: influencers en bekende mensen delen hun ervaringen, en anoniem iets vragen of lezen is makkelijker. Oneens: online zie je vooral mooie plaatjes, het blijft vaak oppervlakkig en er wordt ook gepest of gelachen. Mooie doorvraag: is erover lezen hetzelfde als erover praten?

S T E L L I N G 2

Scholen moeten minder toetsen om de druk op leerlingen te verlagen.

1

Eens

2

Oneens

Eens: minder toetsen geeft meer ruimte om te leren in plaats van te stampen, en minder piekmomenten. Oneens: met minder toetsen telt elke toets zwaarder, en toetsen geven ook houvast over waar je staat. Doorvraag: gaat het om het aantal toetsen, of om hoe ze gepland zijn?

S T E L L I N G 3

Jongens praten minder makkelijk over hun gevoelens dan meiden, en dat komt door de samenleving.

1

Eens

2

Oneens

Eens: jongens horen vaak al jong "stel je niet aan" of "wees een vent", en er zijn minder voorbeelden van mannen die open zijn. Oneens: het verschilt per persoon meer dan per gender, en jongens praten soms op een andere manier, bijvoorbeeld tijdens het sporten of gamen. Let op dat de discussie niet over leerlingen in de klas gaat.

Welk argument van de andere kant vond jij het sterkst? Waarom?

Een goed antwoord noemt een argument van de andere kant en zegt waarom het overtuigend is. Zo oefenen leerlingen dat je een standpunt kunt hebben en toch een ander argument serieus kunt nemen.

O P D R A C H T

Advies aan de schoolleiding

Bedenk in je groepje één concrete maatregel en beschrijf:

1

Het probleem

Wat gaat er nu mis?

2

De maatregel

Wat moet de school doen?

3

Waarom het werkt

Wat wordt er beter, en voor wie?

4

Wat het vraagt

Tijd, geld, mensen, ruimte?

15

m

00

s

Werk in groepjes van drie of vier. Een goed advies is concreet en haalbaar: niet "minder stress", maar een maatregel die de school volgend jaar echt kan invoeren.

Voorbeelden om op gang te komen: toetsen in een toetsweek beter spreiden, een vast check-in-moment in het mentoruur, een stilteruimte, een duidelijke plek op de website waar je ziet bij wie je terechtkunt, of een themaweek over mentale gezondheid.

Ons advies aan de schoolleiding in één zin:

Laat elk groepje het advies in één zin invullen. Bespreek ze kort: welk advies is het meest concreet, en welk het makkelijkst in te voeren? Bewaar de antwoorden: dit is wat je kunt doorsturen.

E N N U ?

Van advies naar actie

Jullie adviezen

De beste adviezen gaan naar de schoolleiding of de leerlingenraad. Zo wordt praten over mentale gezondheid op school iets gewoons.

Zit je zelf ergens mee?

Je mentor, de vertrouwenspersoon of je huisarts helpen je verder. Of bel of chat anoniem met 113 (113.nl, 0800-0113) of De Kindertelefoon (0800-0432).

Over je binnenweer praten is net zo gewoon als over het weer.

Spreek af wat er met de adviezen gebeurt, bijvoorbeeld dat jij de beste drie doorstuurt naar de schoolleiding, of dat een paar leerlingen ze presenteren bij de leerlingenraad. Een advies dat ergens landt, laat zien dat meepraten zin heeft. Bij direct gevaar bel je 112.

Klik hier

De link gaat naar de Themalessen in het kanaal LessonUp Inspiratie.