Schenken en erven (Bedrijfseconomie vwo), les 3: Terugblik quiz

Een cadeau wordt overhandigd

EXAMENSTOF · PERSOON · SCHENKEN, ERVEN

Quiz

Terugblik: Schenken en erven

1 / 13
volgende
Slide 1: Slide
newEditorBedrijfseconomieMiddelbare schoolvwoLeerjaar 4-6

In deze les zitten 13 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 30 min
Dit is niet oké

Introductie

Terugblik met een quiz van tien vragen over schenken en erven, met rekenvragen over schenkbelasting en erfbelasting en vragen over de keuzes van een erfgenaam.

Onderdelen in deze les

Een cadeau wordt overhandigd

EXAMENSTOF · PERSOON · SCHENKEN, ERVEN

Quiz

Terugblik: Schenken en erven

Les 3 van 3. Leerlingen beantwoorden individueel; bespreek na elke paar vragen kort de antwoorden. Image credit: Ben White / Wikimedia Commons, CC0

Welke afspraak is een schenking?

A

Een ouder verkoopt de auto aan het eigen kind voor de marktwaarde

B

Een tante geeft haar nichtje € 5.000 voor een studie

C

Een ouder leent het kind € 5.000 tegen een vaste rente

D

Een werkgever betaalt een medewerker het maandsalaris

Syllabus 11.4.4. Bij een schenking geeft één partij iets zonder tegenprestatie. De andere opties hebben een prijs, rente of arbeid als tegenprestatie. Verwachte fout: de lening, omdat het geld ook gegeven wordt.

Nina schenkt € 20.000 aan een ANBI. Hoeveel schenkbelasting is er verschuldigd?

A

Het tarief over € 20.000 min de algemene vrijstelling

B

Het tarief over het hele bedrag van € 20.000

C

De helft van het normale tarief over € 20.000

D

€ 0, want voor een ANBI geldt een vrijstelling

Syllabus 11.4.4. Schenkingen aan een ANBI zijn vrijgesteld van schenkbelasting. Verwachte fout: een gedeeltelijke vrijstelling, omdat leerlingen denken dat er altijd iets betaald wordt.

Zet de stappen van erfbelasting op volgorde

1

Trek de schulden van de overledene af

2

Bereken de belasting met het tarief

3

Tel de bezittingen van de erfenis op

4

Trek de belastingvrijstelling af

Syllabus 11.4.5. Dit is de volgorde van de uitlegdia Erfbelasting rekenen. Verwachte fout: het tarief toepassen vóór de vrijstelling.

Vader schenkt € 20.000 aan dochter en € 8.000 aan zoon. Vrijstelling per ontvanger € 12.000, tarief 10%. Hoeveel schenkbelasting is het samen?

A

€ 1.600

B

€ 2.000

C

€ 2.800

D

€ 800

Syllabus 11.4.4. Dochter: 20.000 min 12.000 is 8.000, x 10% is 800. Zoon: 8.000 valt binnen de vrijstelling, dus 0. Samen 800. Verwachte fouten: 1.600 (28.000 min één vrijstelling van 12.000, x 10%), 2.000 (vrijstelling vergeten bij de dochter) en 2.800 (geen vrijstelling bij beiden).

Kim wil dat haar vriend na haar overlijden erft. Hij is geen wettelijke erfgenaam. Wat moet ze doen?

A

Niets, een goede vriend erft altijd automatisch

B

Een testament laten opmaken bij de notaris

C

Bij leven een schenking aan haar vriend op papier zetten

D

De erfbelasting vooraf aan de Belastingdienst betalen

Syllabus 11.4.5. Alleen met een testament kan iemand erven die niet van rechtswege erfgenaam is. Verwachte fout: denken dat nabijheid genoeg is.

Verschil tussen erfbelasting en schenkbelasting?

Een goed antwoord: schenkbelasting betaalt de ontvanger over een schenking bij leven, erfbelasting betalen de erfgenamen over wat ze erven na het overlijden; bij erfbelasting gaan eerst de schulden af. Verwachte fout: alleen zeggen dat de tarieven verschillen.

Vul in

Wie verwerpt neemt geen bezit en ook geen schulden van de overledene over.

verwerpt
schulden
onterft
belastingvrijstelling

Syllabus 11.4.5. Verwerpen betekent dat je niet langer erfgenaam bent. Verwachte fout: onterft, omdat dat ook uitsluiten is, maar onterven doet de overledene in het testament.

Erfenis: bezit € 200.000, schulden € 20.000, gelijk verdeeld over twee kinderen. Vrijstelling € 30.000 per kind, tarief 10%. Hoeveel erfbelasting is dat samen?

A

€ 18.000

B

€ 14.000

C

€ 12.000

D

€ 15.000

Syllabus 11.4.5. Netto 200.000 min 20.000 is 180.000, per kind 90.000. Belastbaar 90.000 min 30.000 is 60.000, x 10% is 6.000 per kind, samen 12.000. Verwachte fouten: 18.000 (10% over 180.000, vrijstellingen vergeten), 14.000 (schulden vergeten: 100.000 min 30.000 is 70.000, x 10% is 7.000 per kind) en 15.000 (maar één vrijstelling: 150.000 x 10%).

Wie kan na onterving een beroep doen op de legitieme portie?

A

Een kind van de overledene

B

Een vriend die in een eerder testament stond

C

Elke wettelijke erfgenaam die minder krijgt dan verwacht

D

Een ANBI die uit het testament is geschrapt

Syllabus 11.4.5. Onterven kan bij elke wettelijke erfgenaam, maar alleen kinderen (afstammelingen) houden recht op de legitieme portie: een geldvordering van de helft van hun wettelijk erfdeel. Verwachte fout: denken dat elke wettelijke erfgenaam, ook een partner, dat recht heeft.

Jesse erft € 50.000 bezit en € 20.000 schulden. Hij aanvaardt beneficiair. Wat houdt hij over?

A

€ 0

B

€ 30.000

C

€ 50.000

D

€ 20.000

Syllabus 11.4.5. Bij beneficiair aanvaarden worden de schulden uit de erfenis betaald: 50.000 min 20.000 = 30.000 blijft over. Eventuele erfbelasting laten we hier buiten beschouwing. Verwachte fouten: € 0 (beneficiair aanvaarden verwarren met verwerpen), € 50.000 (de schulden vergeten) en € 20.000 (schulden en restant omgedraaid).

Hoe zeker voel je je over dit onderwerp?

1

Heel zeker

2

Redelijk zeker

3

Niet zo zeker

4

Helemaal niet zeker

Gebruik de uitslag om te bepalen of je een onderdeel herhaalt.

EXAMENSTOF · PERSOON · SCHENKEN, ERVEN

Goed gedaan!

Je kunt nu schenken en erven uitleggen en schenkbelasting en erfbelasting berekenen met gegeven tarieven en vrijstellingen.

Deze slide heeft geen instructies