De jaarrekening lezen (Bedrijfseconomie havo), les 2: Examentraining

Een meubelmaker aan het werk in de werkplaats

EXAMENSTOF · VERSLAGGEVING · JAARREKENING

Examentraining

De jaarrekening lezen: zo pak je examenvragen aan

1 / 17
volgende
Slide 1: Slide
newEditorBedrijfseconomieMiddelbare schoolhavoLeerjaar 4,5

In deze les zitten 17 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 45 min
Dit is niet oké

Introductie

Examentraining: posten plaatsen, balans en vermogen, resultaat lezen en lezen als bank, belegger of leverancier, met acht vragen in examenstijl, vooral casussen en berekeningen.

Onderdelen in deze les

Een meubelmaker aan het werk in de werkplaats

EXAMENSTOF · VERSLAGGEVING · JAARREKENING

Examentraining

De jaarrekening lezen: zo pak je examenvragen aan

Les 2 van 3. Laat leerlingen in tweetallen overleggen bij de open vragen. Image credit: Ian Schneider / Wikimedia Commons, CC0

EXAMENSTOF · VERSLAGGEVING · JAARREKENING

Wat ga je kunnen?

Ik kan posten op de balans en de winst- en verliesrekening plaatsen en uitleggen, en een jaarrekening lezen als bank, belegger of leverancier.

Deze slide heeft geen instructies

EXAMENSTOF · VERSLAGGEVING · JAARREKENING

Zo pak je een examenvraag aan

  • 1. Lees: welk bedrijf is het en welke posten en bedragen staan er?

  • 2. Kant: staat de post bij de activa (bezit) of bij de passiva (herkomst)?

  • 3. Soort: vast, vlottend, eigen vermogen, lang of kort vreemd vermogen?

  • 4. Controleer: sluit de balans en klopt het resultaat met het eigen vermogen?

Deze slide heeft geen instructies

Gestapeld hout op een opslagterrein

EXAMENSTOF · VERSLAGGEVING · JAARREKENING

Vraagtype 1: posten plaatsen

  • Je zoekt eerst de kant: activa (bezit) of passiva (herkomst).

  • Daarna het onderdeel: vast, vlottend, eigen vermogen, lang of kort vreemd vermogen.

  • Let op overlopende posten en btw: ze komen bij beide kanten voor.

Image credit: GeorgeHillTimber / Wikimedia Commons, CC BY-SA 4.0

Tuincentrum Dekker B.V. heeft over het laatste kwartaal € 6.000 meer btw betaald dan ontvangen. Welke post is dat?

A

Te betalen btw, bij het kort vreemd vermogen

B

Te vorderen btw, bij de vlottende activa

C

Crediteuren, bij het kort vreemd vermogen

D

Overlopende posten, bij het kort vreemd vermogen

Syllabus 26.1. De bv krijgt geld terug van de Belastingdienst: een vordering, dus activa. Verwachte fout: te betalen btw, omdat het over btw gaat.

Een bv betaalt in december al de huur van januari. Hoe staat dat op de balans van 31 december?

A

Als overlopende post, bij het kort vreemd vermogen

B

Als crediteuren, bij het kort vreemd vermogen

C

Als overlopende post, bij de vlottende activa

D

Als liquide middelen, bij de vlottende activa

Syllabus 26.1. De huur is al betaald maar hoort bij het volgende jaar: een vooruitbetaald bedrag, dus activa. Verwachte fout: overlopende post bij het kort vreemd vermogen; dat is voor bedragen die nog betaald moeten worden.

Gereedschap en machines in een oude houtwerkplaats

EXAMENSTOF · VERSLAGGEVING · JAARREKENING

Vraagtype 2: balans en vermogen

  • Eigen vermogen = aandelenkapitaal + reserves + resultaat.

  • Totaal passiva = eigen vermogen + lang vreemd vermogen + kort vreemd vermogen.

  • Totaal activa = totaal passiva: zo vind je een ontbrekende post.

Image credit: s w (wengenroad) / Wikimedia Commons, CC0

Balans van Atelier Roos B.V.: totaal activa € 280.000, aandelenkapitaal € 40.000, reserves € 60.000, resultaat € 30.000 en lang vreemd vermogen € 90.000. Hoe hoog is het kort vreemd vermogen?

A

€ 60.000

B

€ 90.000

C

€ 100.000

D

€ 150.000

Syllabus 26.1. Uitwerking: eigen vermogen = 40.000 + 60.000 + 30.000 = 130.000; kort vreemd vermogen = 280.000 min 130.000 min 90.000 = 60.000. Controle: 130.000 + 90.000 + 60.000 = 280.000. Verwachte fouten: het resultaat vergeten (€ 90.000), het aandelenkapitaal vergeten (€ 100.000) of het lang vreemd vermogen vergeten (€ 150.000).

Vul in

Staat een bv rood op de bankrekening, dan heet dat rekening-courantkrediet; het hoort bij het kort vreemd vermogen van de balans.

rekening-courantkrediet
kort vreemd vermogen
crediteuren
lang vreemd vermogen

Syllabus 26.1. Verwachte fout: crediteuren (leveranciers) of liquide middelen.

Een meubelmaker aan het werk in de werkplaats

EXAMENSTOF · VERSLAGGEVING · JAARREKENING

Vraagtype 3: resultaat lezen

  • Resultaat = omzet min alle kosten van het jaar.

  • Tel afschrijving en interest mee als kosten.

  • Het resultaat komt bij het eigen vermogen op de balans.

Image credit: Ian Schneider / Wikimedia Commons, CC0

Meubelzaak Rosa B.V.: omzet € 410.000, inkoop € 190.000, personeel € 120.000, afschrijving € 25.000, overige kosten € 40.000, interest € 15.000. Resultaat?

A

€ 35.000

B

€ 20.000

C

€ 45.000

D

€ 220.000

Syllabus 26.1. Uitwerking: kosten = 190.000 + 120.000 + 25.000 + 40.000 + 15.000 = 390.000; resultaat = 410.000 min 390.000 = 20.000. Verwachte fouten: interest vergeten (€ 35.000), afschrijving vergeten (€ 45.000) of alleen de inkoop aftrekken (€ 220.000).

Wat laat de post omzet op de winst- en verliesrekening zien?

A

Wat de bv na aftrek van de kosten overhoudt

B

Wat de bv in het jaar heeft ingekocht

C

Wat de bv op 31 december op de bank heeft

D

Wat de bv in het jaar heeft verkocht

Syllabus 26.1: omzet. De omzet is de opbrengst van wat de bv in het jaar heeft verkocht. Verwachte fouten: omzet en resultaat verwisselen, omzet en inkoop verwisselen, of een post van de winst- en verliesrekening zien als bedrag op de balans (liquide middelen).

EXAMENSTOF · VERSLAGGEVING · JAARREKENING

Vraagtype 4: lezen als derde

  • Vraag je af: wie leest, en wat wil die weten?

  • Bank: hoeveel is er geleend. Leverancier: kan de bv betalen. Belegger: resultaat en reserves.

  • De accountantsverklaring zegt of je de cijfers kunt vertrouwen.

Deze slide heeft geen instructies

Kaashandel Vermeulen B.V. heeft € 90.000 aan crediteuren, € 15.000 aan debiteuren en € 10.000 aan liquide middelen. Wat valt een leverancier op?

A

De bv moet veel meer betalen dan ze direct heeft of ontvangt

B

De bv heeft veel te veel eigen vermogen

C

De crediteuren staan bij de vaste activa

D

Het resultaat van de bv is negatief

Syllabus 26. Crediteuren zijn schulden van de bv aan leveranciers (€ 90.000); debiteuren en liquide middelen samen zijn € 25.000. Een leverancier twijfelt of de factuur betaald wordt. Het resultaat staat niet in deze gegevens. Verwachte fout: het resultaat afleiden uit een balansgegeven.

Bij de jaarrekening van een bv staat een goedkeurende accountantsverklaring. Wat betekent dat voor een bank?

A

De bv gaat de lening zeker terugbetalen

B

De accountant heeft de jaarrekening zelf opgesteld

C

De cijfers geven volgens de accountant een getrouw beeld

D

De bv maakt zeker geen verlies meer

Syllabus 26.5. Goedkeurend: de accountant vindt de cijfers betrouwbaar, zonder grote afwijkingen. Het is geen garantie voor de toekomst. Verwachte fout: de verklaring zien als garantie.

Welk vraagtype vind jij het lastigst?

1

Posten plaatsen

2

Balans en vermogen

3

Resultaat lezen

4

Lezen als derde

Bespreek het vraagtype dat de meeste leerlingen noemen met een tweede voorbeeld.

EXAMENSTOF · VERSLAGGEVING · JAARREKENING

Tips voor op het examen

  • Overlopende posten staan bij de activa als je vooruit hebt betaald en bij het kort vreemd vermogen als je nog moet betalen.

  • Reserves zijn geen geld op de bank: de herkomst staat rechts, het geld staat links.

  • Een goedkeurende accountantsverklaring is geen garantie dat het goed gaat met de bv.

  • Controleer altijd of totaal activa gelijk is aan totaal passiva.

Deze slide heeft geen instructies