3VWO Beknopte bijzin

1 / 17
volgende
Slide 1: Tekstslide
NederlandsMiddelbare schoolvwoLeerjaar 3

In deze les zitten 17 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

Onderdelen in deze les

Slide 1 - Tekstslide

Slide 2 - Tekstslide

Hoeveel persoonsvormen staan in deze zin?

Toen de bewoners na het tekenen van de koopovereenkomst

 hun nieuwe huis binnenkwamen, twijfelden ze erg aan de

beslissing die ze twee maanden geleden hadden
genomen.









Slide 3 - Tekstslide

Toen de bewoners na het tekenen van de koopovereenkomst
hun nieuwe huis binnenkwamen, twijfelden ze erg aan de
beslissing die ze twee maanden geleden hadden genomen.
Wat zijn de persoonsvormen?

Slide 4 - Open vraag

Toen de bewoners na het tekenen van de koopovereenkomst
hun nieuwe huis binnenkwamen, twijfelden ze erg aan de
beslissing die ze twee maanden geleden hadden genomen.
Vervang de bijzinnen door zinsdelen van de hoofdzin.

Slide 5 - Open vraag

Toen de bewoners na het tekenen van de koopovereenkomst

 hun nieuwe huis binnenkwamen, twijfelden ze erg aan de
beslissing die ze twee maanden geleden hadden genomen.

Toen twijfelden ze erg aan die beslissing.


Dus:

Toen……binnenkwamen:                             bwbijzin         

Die……..genomen:                                           bvbijzin




Slide 6 - Tekstslide

De beknopte bijzin

Een beknopte bijzin is net als de gewone bijzin een zinsdeel, maar in een beknopte bijzin ontbreekt het onderwerp of de persoonsvorm.


Het onderwerp of de persoonsvorm is hetzelfde als in de hoofdzin en kun je er dus zo weer bij denken.




Slide 7 - Tekstslide

Het slachtoffer zei de verdachte niet te herkennen.

Van deze beknopte bijzin kun je weer een gewone bijzin maken:

Het slachtoffer zei dat hij de verdachte niet herkende.


Van deze bijzin kun je weer een zinsdeel maken:
Het slachtoffer zei dat.         lvzin






Slide 8 - Tekstslide

Andersom kan natuurlijk ook:

Je kunt van een bijzin een beknopte bijzin maken.


Terwijl hij hard lachte, vertelde hij een mop.

Hard lachend vertelde hij een mop.








Slide 9 - Tekstslide

De persoonsvorm in de beknopte bijzin wordt vervangen door:



a. Een voorzetsel + te + infinitief

       Ilse stopte haar vingers in haar oren om zich beter te  concentreren

b. Een voltooid deelwoord

      Eindelijk aangekomen op zijn bestemming voelde hij hoe  vermoeid hij was.

c. Een onvoltooid deelwoord

       Luid zingend stond hij tegen de boom te plassen.









Slide 10 - Tekstslide

Dromend van zijn vriendin liep hij tegen een lantaarnpaal.
A
vz + te + infinitief
B
een voltooid deelwoord
C
onvoltooid deelwoord

Slide 11 - Quizvraag

Na het gat ontdekt te hebben waarschuwde hij de dijkbewaking.
A
vz + te + infinitief
B
een voltooid deelwoord
C
onvoltooid deelwoord

Slide 12 - Quizvraag

Uit de wind gehouden kon hij de eindstreep halen.
A
vz + te + infinitief
B
een voltooid deelwoord
C
onvoltooid deelwoord

Slide 13 - Quizvraag

Slide 14 - Link

Slide 15 - Video

Slide 16 - Link

Slide 17 - Link