Beleid en begroting (Economie vwo), les 3: Terugblik quiz

CONJUNCTUUR · BEGROTING

Quiz

Terugblik: Beleid en begroting

1 / 13
volgende
Slide 1: Slide
newEditorEconomieMiddelbare schoolvwoLeerjaar 4-6

In deze les zitten 13 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 30 min
Dit is niet oké

Introductie

Terugblikquiz met tien vragen over saldo, stabilisatoren, anticyclisch en procyclisch beleid en in- en uitverdieneffecten.

Onderdelen in deze les

CONJUNCTUUR · BEGROTING

Quiz

Terugblik: Beleid en begroting

Les 3 van 3. Leerlingen beantwoorden individueel; bespreek na elke paar vragen kort de antwoorden. Image credit: Rijksoverheid.nl / Wikimedia Commons, CC0

Noem een maatregel die verkrappend werkt.

Goed: lagere overheidsuitgaven of hogere belastingen. Fout: een maatregel die stimuleert, zoals lagere belastingen.

Welke situatie en maatregel samen zijn procyclisch?

A

Laagconjunctuur en hogere uitgaven

B

Hoogconjunctuur en lagere belastingen

C

Hoogconjunctuur en lagere uitgaven

D

Laagconjunctuur en lagere belastingen

Procyclisch is in de richting van de conjunctuur: stimuleren bij hoog, verkrappen bij laag. Alleen de eerste optie stimuleert bij hoogconjunctuur.

Belastingen 450, overheidsuitgaven 480. Wat is het begrotingssaldo?

A

Een tekort van 30

B

Een overschot van 30

C

Een tekort van 480

D

Een overschot van 450

450 - 480 = -30, dus een tekort van 30. Verwachte fout: de richting van het saldo omdraaien.

Welke uitspraak over automatische stabilisatoren is juist?

A

Ze maken de schommelingen bij hoogconjunctuur groter

B

Ze vragen elk jaar een nieuw besluit van het kabinet

C

Ze dempen de schommelingen, maar niet geheel

D

Ze werken alleen bij laagconjunctuur, niet bij hoog

Stabilisatoren werken vanzelf bij hoog en laag en dempen de schommelingen zonder ze weg te nemen.

Stabilisatoren bij laagconjunctuur: zet op volgorde

1

Het begrotingssaldo daalt

2

Het aantal werklozen stijgt

3

De uitkeringen stijgen en de belastingen dalen

4

Het bbp daalt

Eerst daalt het bbp, dan stijgt de werkloosheid, dan werken de stabilisatoren en dan daalt het saldo.

Vul in

Bij verkrappend beleid in laagconjunctuur ontstaat een uitverdieneffect: de belastingen dalen en de uitkeringen stijgen.

uitverdieneffect
belastingen
uitkeringen
inverdieneffect
overheidsuitgaven

Uitverdieneffect: lagere belastingen en hogere uitkeringen doordat de economie wordt afgeremd.

Welke belasting werkt als automatische stabilisator?

A

Een vast bedrag per huishouden, elk jaar gelijk

B

Een belasting die meebeweegt met het inkomen

C

Een belasting die het kabinet elk jaar bewust verhoogt

D

Een belasting die alleen bij laagconjunctuur geldt

Een stabilisator werkt vanzelf: de opbrengst moet meebewegen met inkomen en bbp.

Waarom is procyclisch begrotingsbeleid ongewenst?

A

Het verlaagt de staatsschuld te snel

B

Het schakelt de automatische stabilisatoren uit

C

Het maakt de output gap altijd gelijk aan nul

D

Het versterkt de schommelingen in inkomen en werkloosheid

Procyclisch beleid vergroot de schommelingen en dus het welvaartsverlies. De stabilisatoren blijven werken.

Stimulerende uitgaven van 200 geven een inverdieneffect van 50. Welk deel komt terug?

A

75%

B

50%

C

250%

D

25%

50 / 200 = 25%. Verwachte fouten: het deel dat niet terugkomt (75%), of 50 als percentage (50%).

Output gap +3% en het saldo stijgt vanzelf. Is dit begrotingsbeleid?

A

Ja: dat is anticyclisch begrotingsbeleid

B

Nee: het zijn automatische stabilisatoren

C

Ja: dat is procyclisch begrotingsbeleid

D

Nee: dat is een uitverdieneffect van verkrappen

Zonder nieuw besluit stijgen de belastingen en dalen de uitkeringen: stabilisatoren. Beleid is een bewust besluit.

Hoe zeker voel je je over dit onderwerp?

1

Heel zeker

2

Redelijk zeker

3

Niet zo zeker

4

Helemaal niet zeker

Gebruik de uitslag om te bepalen of je een onderdeel herhaalt.

CONJUNCTUUR · BEGROTING

Goed gedaan!

Je kunt nu uitleggen wat vanzelf gebeurt met het saldo, wat anticyclisch en procyclisch beleid is en hoe het inverdieneffect en uitverdieneffect werken.

Deze slide heeft geen instructies