IS-MB-GA en scholen (Economie vwo), les 2: Examentraining

CONJUNCTUUR · IS-MB-GA

Examentraining

IS-MB-GA en scholen: zo pak je examenvragen aan

1 / 17
volgende
Slide 1: Slide
newEditorEconomieMiddelbare schoolvwoLeerjaar 4-6

In deze les zitten 17 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 45 min
Dit is niet oké

Introductie

Examentraining met vier vraagtypen: verschuivingen herkennen, een figuur lezen, rigiditeit en verwachtingen uitleggen en economische scholen herkennen. Docenten laten leerlingen eerst de curve kiezen en dan Y en inflatie aflezen.

Onderdelen in deze les

CONJUNCTUUR · IS-MB-GA

Examentraining

IS-MB-GA en scholen: zo pak je examenvragen aan

Les 2 van 3. Laat leerlingen in tweetallen overleggen bij de open vragen. Image credit: Ypsilon / Wikimedia Commons, CC0

CONJUNCTUUR · IS-MB-GA

Wat ga je kunnen?

Ik kan in het IS-MB-GA-model verschuivingen bepalen, figuren lezen, korte-termijnmechanismen uitleggen en economische scholen herkennen.

Deze slide heeft geen instructies

CONJUNCTUUR · IS-MB-GA

Zo pak je een examenvraag aan

  • 1. Lees: wat verandert er: autonome bestedingen, de monetaire beleidsregel of de verwachte inflatie?

  • 2. Kies de curve: bestedingen horen bij IS, de centrale bank bij MB, lonen en verwachtingen bij GA.

  • 3. Richting: schuift de curve naar rechts of links, omhoog of omlaag? Bepaal dan Y en de inflatie.

  • 4. Termijn: kort (GA ligt vast) of lang (verwachte inflatie past zich aan)?

Deze slide heeft geen instructies

CONJUNCTUUR · IS-MB-GA

Bouwplaats met hijskraan in Boedapest, 2007

Vraagtype 1: verschuivingen herkennen

  • Stap 1: wat verandert er, en hoort dat bij IS, MB of GA?

  • Stap 2: bepaal de richting van de verschuiving.

  • Autonome bestedingen verschuiven IS, de beleidsregel van de centrale bank verschuift MB.

Image credit: Marek Ślusarczyk / Wikimedia Commons, CC BY 3.0

Bedrijven verlagen hun autonome investeringen. Wat gebeurt er in het model?

A

De IS-curve schuift naar rechts

B

De MB-curve schuift omhoog

C

Er is een beweging langs de IS-curve naar rechts

D

De IS-curve schuift naar links

Lagere autonome bestedingen: bij elke reële rente is Y lager, dus IS naar links. Verwachte fout: dit zien als een beweging langs de IS-curve.

De centrale bank kiest een hogere inflatiedoelstelling. Welke verschuiving volgt?

A

De MB-curve schuift omhoog

B

De MB-curve schuift omlaag

C

De IS-curve schuift naar rechts

D

De GA-curve schuift omlaag

Een hogere inflatiedoelstelling is ruimer beleid: een lagere rente bij elk Y, dus MB omlaag. Verwachte fout: MB omhoog kiezen omdat de inflatie hoger wordt.

CONJUNCTUUR · IS-MB-GA

Ruimer monetair beleid (eigen grafiek)

Vraagtype 2: een figuur lezen

  • Stap 1: zie welke curve verschuift: hier alleen MB, van MB0 naar MB1.

  • Stap 2: lees Y af en vergelijk met Y* in het onderste diagram.

  • Stap 3: lees via de GA-curve de inflatie af en vergelijk met de verwachte inflatie.

Image credit: LessonUp Studio (eigen grafiek), CC0

Vanuit Y = Y* schuift MB omlaag. Wat gebeurt er met de inflatie?

A

Ze daalt, want de reële rente daalt

B

Ze blijft gelijk, want GA schuift niet

C

Ze stijgt, want Y komt boven Y*

D

Ze stijgt, want de reële rente stijgt

MB omlaag: Y stijgt boven Y*. Je beweegt langs de GA-curve naar een hogere inflatie. De reële rente is juist lager. Verwachte fout: de inflatie koppelen aan de rente in plaats van aan Y.

Y = Y*, dan MB omlaag. Output gap + of -?

Positief: Y komt boven Y, dus Y min Y is groter dan nul.

CONJUNCTUUR · IS-MB-GA

Leegstaande winkel in winkelcentrum Tamboerpassage, Hoogeveen, 2020

Vraagtype 3: rigiditeit en verwachtingen

  • Op korte termijn liggen nominale lonen en inkoopprijzen vast.

  • Wijkt de inflatie af van de verwachting, dan veranderen de reële lonen en de reële productiekosten.

  • Op langere termijn past de verwachte inflatie zich aan en schuift de GA-curve.

Image credit: Donald Trung Quoc Don / Wikimedia Commons, CC BY-SA 4.0

De inflatie is hoger dan verwacht. Wat doen de reële lonen op korte termijn?

A

Ze dalen, want de nominale lonen liggen vast

B

Ze stijgen, want de nominale lonen stijgen mee

C

Ze blijven gelijk, want de inflatie is verwacht

D

Ze dalen, want de nominale lonen dalen

De nominale lonen liggen vast in contracten, de prijzen stijgen sneller: de reële lonen dalen. Verwachte fout: denken dat lonen direct meestijgen.

Hoe schuift GA bij hogere verwachte inflatie?

Omhoog: lonen en inkoopprijzen worden opnieuw onderhandeld op basis van de hogere verwachting. Fout: naar rechts of omlaag.

CONJUNCTUUR · IS-MB-GA

Vraagtype 4: economische scholen

  • Keynesianen: begrotingsbeleid krachtig, IS steil, MB verschuift weinig.

  • Monetaristen: monetair beleid sterk, IS vlak, MB verschuift veel.

  • Neo- en nieuwklassieken: perfecte flexibiliteit, GA verticaal.

Deze slide heeft geen instructies

Een econoom ziet perfect flexibele lonen en prijzen. Welke school is dat?

A

Keynesianen

B

Neo- en nieuwklassieken

C

Monetaristen

D

Keynesianen en monetaristen

Perfecte loon- en prijsflexibiliteit hoort bij de neo- en nieuwklassieken: GA verticaal. Verwachte fout: monetaristen kiezen vanwege het vertrouwen in de markt.

Welke twee scholen nemen geen perfecte loon- en prijsflexibiliteit aan?

A

Monetaristen en nieuwklassieken

B

Keynesianen en neoklassieken

C

Neo- en nieuwklassieken

D

Keynesianen en monetaristen

Alleen bij de neo- en nieuwklassieken zijn lonen en prijzen perfect flexibel. Keynesianen en monetaristen hebben een niet-verticale GA-curve.

Welk vraagtype vind jij het lastigst?

1

Verschuivingen herkennen

2

Een figuur lezen

3

Rigiditeit en verwachtingen

4

Economische scholen

Deze slide heeft geen instructies

CONJUNCTUUR · IS-MB-GA

Tips voor op het examen

  • Bepaal eerst welke curve verschuift en teken die; lees pas daarna Y en de inflatie af.

  • Een andere reële rente is een beweging langs IS, geen verschuiving van IS.

  • GA ligt op korte termijn vast; pas de verwachte inflatie, dan schuift GA.

Deze slide heeft geen instructies