AI, SLIM BEKEKEN
Vragen aan de computer
Wij bedenken een vraag voor de chatbot, en checken of het antwoord klopt.
GROEP 3-4 · LES 3 · 45 MIN
AI, SLIM BEKEKEN
Vragen aan de computer
Wij bedenken een vraag voor de chatbot, en checken of het antwoord klopt.
GROEP 3-4 · LES 3 · 45 MIN
AI, slim bekeken: leerlijn AI-geletterdheid. Groep 3-4, les 3 van 4 (45 minuten). Lijn: gebruiken.
Kerndoel: PO 22D: verantwoord interacteren met een AI-systeem; 22B: betrouwbaarheid van informatie; 24A: niet zomaar persoonsgegevens delen.
AILit: Engage 3 (een uitkomst accepteren, aanpassen of afwijzen), Manage 1.
Voorbereiding: Een AI-chatbot open op het digibord, met het account van de leerkracht (leerlingen typen niet zelf). Zonder internet lees je de voorbeeldantwoorden voor. Een informatieboek of foto van een spin om de poten te tellen. Het woord 'aardbei' groot op het bord, of zeven kaartjes met elk één letter.
De volledige docentenhandleiding staat als bijlage bij deze les. Image credit: sofatutor / Unsplash
GROEP 3-4 · LES 3 · GEBRUIKEN
Dit ga je leren
Ik kan een duidelijke vraag bedenken.
Ik weet dat ik een antwoord van de computer moet checken.
Ik weet dat ik mijn naam en adres niet aan een computer geef.
AI, SLIM BEKEKEN
Lees de doelen voor en vraag wat de leerlingen al weten. Kom er aan het eind van de les op terug.
Aan wie vraag jij iets als je het niet weet?
Papa, mama of opa en oma
De juf of meester
Ik kijk in een boek
Aan de computer
AI, SLIM BEKEKEN · GROEP 3-4 · LES 3 · GEBRUIKEN
Lees de vraag en de antwoorden voor en laat kiezen. 2. Vraag: 'Hoe weet je of het antwoord klopt?' Verwacht: 'omdat mama het zegt'. 3. Zeg: 'Vandaag vragen we iets aan een computer die kan schrijven en praten. Die heet een chatbot. En we kijken of zijn antwoord klopt.'
GROEP 3-4 · LES 3 · GEBRUIKEN
Een chatbot
Een chatbot is een computer die antwoord geeft.
Hij heeft geleerd van heel veel teksten.
Soms klopt zijn antwoord niet.
AI, SLIM BEKEKEN
Laat de chatbot op het digibord zien. 2. Zeg: 'Je typt een vraag en de computer schrijft een antwoord. Hij heeft meer teksten gelezen dan alle boeken in de bibliotheek. Maar hij kan zich vergissen.' 3. Zeg: 'Kinderen gebruiken zo'n chatbot niet alleen. Alleen samen met een grote mens. Daarom typ ik vandaag.' Misvatting: 'er zit iemand in de computer die typt'. Zeg: 'Nee, de computer maakt het antwoord zelf, heel snel.'
Image credit: Joseph Ogbonnaya / Unsplash
GROEP 3-4 · LES 3 · GEBRUIKEN
Een goede vraag
Zeg precies wat je wil weten.
Houd je vraag kort.
Zeg erbij: leg het uit voor een kind.
AI, SLIM BEKEKEN
Lees voor. 2. Zeg: 'Alleen het woord spin is geen goede vraag. Wat wil je dan weten? Hoeveel poten heeft een spin, dat is wel duidelijk.' 3. Zeg: 'Zeg je erbij dat hij het moet uitleggen voor een kind van 7, dan gebruikt de chatbot makkelijke woorden.'
Image credit: AMONWAT DUMKRUT / Unsplash
Welke vraag is het duidelijkst?
Spin?
Hoeveel poten heeft een spin?
Vertel eens iets.
Hoe zit het met dieren?
Lees alle vragen voor en laat kiezen. 2. Zeg: 'Bij 'Hoeveel poten heeft een spin?' weet de chatbot precies wat je wil weten. Bij de andere vragen moet hij raden.' Misvatting: 'Hoe zit het met dieren?' lijkt een echte, lange vraag. Zeg: 'Lang is niet hetzelfde als duidelijk. Welk dier? Wat wil je weten?'
GROEP 3-4 · LES 3 · GEBRUIKEN
Vraag 1: de spin
OP HET DIGIBORD
Hoeveel poten heeft een spin? Leg het uit voor een kind van 7.
Een spin heeft acht poten! Vier aan elke kant van zijn lijf. Daarom is een spin geen insect. Een insect, zoals een mier of een vlieg, heeft zes poten.
AI-ANTWOORD
Praat erover
Klopt dit? Hoe kunnen we dat checken?
AI, SLIM BEKEKEN
Leerlingen gebruiken zelf geen AI (onder 13 alleen onder toezicht). Jij typt de vraag op het digibord, de klas denkt mee. Zonder internet: klik door naar het voorbeeldantwoord.
Laat eerst voorspellen wat de AI antwoordt; één klik toont het voorbeeldantwoord.
Typ de vraag op het digibord, of lees het voorbeeldantwoord voor. 2. Vraag: 'Klopt dit? Hoe weten we dat zeker?' Verwacht: in een boek kijken, tellen op een foto. 3. Laat de foto van de spin zien en tel samen de poten: acht. 4. Zeg: 'Het klopt. We geloofden het niet zomaar, we hebben het gecheckt. Dat doen we altijd.'
GROEP 3-4 · LES 3 · GEBRUIKEN
Vraag 2: letters tellen
OP HET DIGIBORD
Hoeveel letters heeft het woord aardbei?
Het woord aardbei heeft 8 letters: a-a-r-d-b-e-i.
AI-ANTWOORD
Praat erover
Tel zelf mee. Klopt het?
AI, SLIM BEKEKEN
Leerlingen gebruiken zelf geen AI (onder 13 alleen onder toezicht). Jij typt de vraag op het digibord, de klas denkt mee. Zonder internet: klik door naar het voorbeeldantwoord.
Laat eerst voorspellen wat de AI antwoordt; één klik toont het voorbeeldantwoord.
Typ de vraag of lees het voorbeeld voor. Geeft de chatbot live het goede antwoord, gebruik dan dit voorbeeld: zo'n fout gebeurt echt. 2. Wijs het woord aardbei aan en tel met de klas hardop: a, a, r, d, b, e, i. Zeven! 3. Vraag: 'Klonk de computer zeker?' Ja. 'Klopte het?' Nee. 4. Zeg: 'De computer schreef zelf zeven letters op en zei toch acht. Hij kan zich vergissen en toch heel zeker klinken.'
Stelling: De computer weet altijd het goede antwoord.
Duim omhoog: waar
Duim omlaag: niet waar
Weet ik niet
AI, SLIM BEKEKEN · GROEP 3-4 · LES 3 · GEBRUIKEN
Zeg: 'Duim omhoog is eens, duim omlaag is oneens.' 2. Vraag een paar kinderen waarom. Na de aardbei doen de meeste kinderen duim omlaag. 3. Zeg: 'De computer weet veel, maar niet alles. Je weet niet wanneer hij het fout heeft. Daarom check je altijd.' Sommige kinderen zeggen 'meestal wel': dat klopt ook.
GROEP 3-4 · LES 3 · GEBRUIKEN
Zo check je een antwoord
Kijk in een boek.
Vraag het aan een grote mens.
Tel of kijk zelf, als dat kan.
AI, SLIM BEKEKEN
Lees voor. 2. Zeg: 'Bij de spin telden we poten op een foto. Bij de aardbei telden we letters.' 3. Vraag: 'Hoe zou je checken hoe groot een olifant is?' Verwacht: in een boek kijken, het vragen aan de juf of meester.
GROEP 3-4 · LES 3 · GEBRUIKEN
Wij bedenken de vraag
DIGIBORD
Bedenk samen met je buur een vraag voor de chatbot.
Maak je vraag kort en duidelijk.
De juf of meester typt een paar vragen in.
Klopt het antwoord? Duim omhoog of omlaag. Hoe checken we het?
minute
second
11 minuten
AI, SLIM BEKEKEN
Zeg: 'Bedenk met je buur een vraag over dieren, de ruimte of het weer.' Geef 2 minuten. 2. Laat een paar tweetallen hun vraag zeggen. Kies er drie en typ ze in, met 'leg het uit voor een kind van 7' erachter. 3. Lees elk antwoord voor en vraag: 'Snap je het? Klopt het? Hoe checken we het?' 4. Voorbeeld als het stil blijft: 'Waarom is de lucht blauw?' Goed antwoord: zonlicht heeft alle kleuren, en blauw licht wordt door de lucht het meest alle kanten op verspreid. Typ geen vragen met namen van kinderen of over klasgenoten.
GROEP 3-4 · LES 3 · GEBRUIKEN
Veilig vragen
Zeg nooit je naam, adres of school.
Stuur geen foto van jezelf.
Gebruik een chatbot alleen met een grote mens.
AI, SLIM BEKEKEN
Lees voor. 2. Zeg: 'Wat je in een chatbot typt, gaat naar een computer van een bedrijf, ver weg. Je weet niet wat daarmee gebeurt. Daarom vertel je nooit wie je bent of waar je woont.' 3. Zeg: 'Veel chatbots zijn pas voor kinderen vanaf 13 jaar. Daarom doe je het samen met een grote mens.' Misvatting: 'de computer is aardig, dus het mag'. Zeg: 'Aardig klinken is niet hetzelfde als veilig.'
Mag je dit aan een chatbot vragen of vertellen?
Mag wel
Liever niet
Een vraag over dino's
Je adres
Een raadsel
Een foto van jezelf
Je naam en je school
Hoe groot is de maan?
AI, SLIM BEKEKEN · GROEP 3-4 · LES 3 · GEBRUIKEN
Lees elk item voor en laat een kind slepen. 2. Vraag bij de foto: 'Waarom niet?' Verwacht: je gezicht laat zien wie je bent. 3. Zeg: 'Alles wat zegt wie je bent of waar je woont, gaat in liever niet. Vragen over dino's of de maan mogen, samen met een grote mens.'
De computer geeft een antwoord. Wat doe je?
Het meteen geloven
Het aan iedereen vertellen
Eerst checken of het klopt
Nooit meer iets vragen
Exitvraag. 1. Lees voor en laat kiezen. 2. Zeg: 'Eerst checken: in een boek, bij een grote mens of door zelf te tellen.' Misvatting: 'meteen geloven'. Vraag: 'Weet je nog, de aardbei?' 3. Zeg: 'Nooit meer iets vragen hoeft ook niet. De computer kan helpen, als je checkt.'
GROEP 3-4 · LES 3 · GEBRUIKEN
Woorden van vandaag
chatbot Een computer waar je een vraag aan stelt. Hij schrijft een antwoord.
vraag Wat je wil weten. Kort en duidelijk werkt het best.
checken Kijken of iets echt klopt, bijvoorbeeld in een boek.
privé Dingen over jou, zoals je naam en adres. Die geef je niet aan een computer.
AI, SLIM BEKEKEN
Herhaal de woorden kort. Laat leerlingen er een zin mee maken of er een aanwijzen die ze nu beter snappen.